Nærmynd @Holland Festival - (c) Janiek Dam
Events

Opgetild door het IJslands Symfonie Orkest


Ze zegt het bij de inleiding, een uurtje voor aanvang van het concert. En tijdens het concert komt Hildur Guðnadóttir er nog eens nadrukkelijk op terug: De tijd waarin we leven heeft behoefte aan communicatie. En communicatie begint met luisteren. Het is een terugkerend thema bij Hildur – iedereen spreekt de drieënveertigjarige IJslandse bij haar voornaam aan. Ook tijdens het interview met Gonzo (circus), in #190, toen de ‘deep listening’ methode van Pauline Oliveros ter sprake kwam, bleek luisteren een onontkoombaar startpunt..

Het was het eerste van de vier concerten waar Hildur als ‘associate artist’ van het Holland Festival dit jaar rechtstreeks bij betrokken is. De avond in het Amsterdamse Concertgebouw waar ze met het IJslands Symfonieorkest zowel haar eigen muziek presenteert als werk van componisten die haar inspireren. En dat ‘presenteert’ mag in dit geval letterlijk worden opgevat, want ze praat meer dan dat ze daadwerkelijk musiceert.

Nærmynd @Holland Festival - (c) Janiek Dam
Nærmynd @Holland Festival – (c) Janiek Dam
Nærmynd @Holland Festival - (c) Janiek Dam
Nærmynd @Holland Festival – (c) Janiek Dam

Toch is het wel degelijk háár avond. Want haar repertoirekeuze, uitgevoerd door het uitstekende, door veel strijkers gedomineerde IJslands Symfonieorkest onder leiding van Daníel Bjarnason. Een dirigent die ze al vele jaren kent, een generatiegenoot, en de ‘scene’ in Reykjavik is klein. Ook al woont Hildur alweer een jaar of twintig in Berlijn, de banden met IJsland zijn nog altijd sterk.

De avond begint met ‘Blind Sarabande’, een nieuw stuk dat de IJslandse in opdracht van het Holland Festival en het Symfonieorkest schreef. Ze speelt ook zelf de leidende cellopartij. Het klinkt ingetogen, warm en geeft ruimte aan veel stiltemomenten. Je kunt het ook ‘ruimtemomenten’ noemen. Momenten waarop de verbeelding aan het werk kan.

Het wordt gevolgd door ‘Overcast’ van haar album ‘Without Sinking’ uit 2009. Het uitgangspunt voor dit concert was geweest – legt ze op een gegeven moment uit – dat ze stukken die ze ooit alleen of met enkele muzikanten opnam, nu eindelijk eens door een groot orkest kon laten spelen. Dit ‘Overcast’ is wat dat betreft het mooiste voorbeeld van de avond. Het relatief sobere stuk, waarin ze ook nu de leidende partij speelt, wordt door het orkestrale arrangement als het ware opgetild.

Alvorens zelf het podium te verlaten, kondigt ze nog ‘Silver Streetcar for the Orchestra’ van componist Alvin Lucier aan als schoolvoorbeeld van een werk dat zich richt naar de ruimte waar het afgespeeld wordt en een voorbeeld zou zijn van een compositie die je dwingt om intens te luisteren. Lucier heeft meer van die stukken geschreven. Het bekendste is misschien wel ‘I Am Sitting in a Room’, waarbij een tape met die gesproken tekstregel wordt afgespeeld in een ruimte. Dat wordt op tape opgenomen en opnieuw afgespeeld. Het resultaat is – afhankelijk van het formaat en de resonantie in de kamer – een steeds slechter verstaanbare tekstregel, totdat er slechts geruis overblijft. ‘Silver Streetcar for the Orchestra’ is anders, maar net zo ontregelend, omdat er alleen een triangel en verder helemaal geen orkest aan te pas komt. Alleen die triangel die pakweg een kwartier lang, precies volgens de aanwijzingen van Lucier door Hildur haar echtgenoot – de componist Sam Slater – bespeeld wordt.

Vanaf dat moment vertoont de celliste zich, voor de pauze althans, niet meer musicerend op het podium. Haar tweede nieuwe compositie in opdracht, het ook al warmbloedige, vaak ronduit romantisch klinkende ‘The Song That Never Was’, wordt fraai uitgevoerd door het orkest. Dat ontfermt zich vervolgens ook over twee composities van musici die Hildur geïnspireerd hebben, Kaija Saariaho en Ryuichi Sakamoto. Van de Finse wordt een stuk uit 2001 gespeeld dat goed laat horen dat Saariaho zich flink door elektronica heeft laten beïnvloeden, terwijl er aan dit stuk geen elektronica te pas komt.

En van de in 2023 overleden Sakamoto het thema van diens filmscore ‘The Revenant’ waarop Hildur nota bene als celliste te horen is, maar deze avond in het Concertgebouw laat ze het aan het orkest over. Dat geldt eveneens voor het laatste stuk voor de pauze, het robuust gespeelde en daardoor krachtig klinkende ‘Allegro’ – een van de bijdragen die ze aan de film ‘Tár’ leverde.

Na de pauze opent het orkest met twee stukken die de celliste schreef voor ‘A Haunting in Venice’. Donkere muziek voor een donkere film. Daarna verschijnt Hildur weer, maar alleen om het publiek te vertellen hoe belangrijk componisten als Sakamoto, Saariaho en de Est Arvo Pärt voor haar geweest zijn. Van laatstgenoemde voert het orkest vervolgens diens doorbraakwerk ‘Fratres’ uit 1977. Gedreven, vertrouwd en toegankelijk. En vooral ‘mooi’ of ‘kitscherig’, afhankelijk van je snobgehalte. De Engelsman Mica Levi is waarschijnlijk de minst bekende van alle componisten van wie deze avond werk wordt uitgevoerd. Zijn stuk ‘Love’ uit de score die hij in 2013 voor de film ‘Under the Skin’ schreef, klink ritmisch, opwindend, strak gestreken en verluchtigd met kleine ‘vioolgilletjes’.

Voor de finale pakt Hildur zelf weer de cello en speelt samen met het orkest twee stukken uit de film ‘Joker’ uit 2019 waarvoor ze met prijzen overladen werd. De staande ovatie is onvermijdelijk. Een mooie concertavond die vooral verrast door de veelzijdigheid van het repertoire. En wie Hildur zelf nog nadrukkelijker wil zien spelen en zingen krijgt daarvoor de kans. Komende zaterdag laat ze in de Gashouder op het Westergasfabriekterrein op samples gebaseerde elektronische muziek horen die rechtstreeks in het verlengde ligt van haar score voor de HBO-serie ‘Chenobyl’ en volgende week dinsdag en woensdag zingt en speelt ze in het muziekgebouw haar even delicate als briljante recente album ‘Where to From’.

Gezien: Hildur Guðnadóttir in het Concertgebouw Amsterdam. Ma 15 juni 2026.

Nog meer nieuws krijgen over muziek en kunst?

Schrijf je in op de Gonzo (circus)-nieuwsbrief!