Events

Vrouwen in een hoofdrol


Afgelopen week brachten we twee avonden door in de Brusselse Ancienne Belgique. Drie keer eiste een vrouw de hoofdrol op. Patti Smith, Chelsea Wolfe en Mimi Parker van Low bewandelen elk een muzikaal eigenzinnige weg. Samen vormden ze de perfecte antipode voor de miezerige misogyne mannetjes die zich dezelfde week in de belangstelling wurmden.

Monumentenzorg

Patti Smith - Foto: Beni Köhler

Patti Smith – Foto: Beni Köhler

De spits werd op dinsdag afgebeten door de ondertussen 68-jarige Patti Smith. Veertig jaar na het verschijnen van haar debuut ‘Horses’ kwam ze dat integraal spelen in Brussel. Ze bracht daarvoor de twee overlevende muzikanten van de originele bezetting mee, gitarist Lenny Kaye en drummer Jay Dee Daugherty. Het haar is dan wel grijzer geworden, de passie en het activisme bleven intact. Openen deed Smith met de albumhoes in de hand. Ze droeg het gedicht ‘Compacted Awareness’ voor dat je kunt vinden op die iconische cover, gemaakt door Robert Mapplethorpe. Wat daarna volgde was natuurlijk duidelijk. ‘Horses’ integraal én in volgorde. Er is die nog altijd ijzersterke openingszin ‘Jesus died for somebody’s sins/But not mine’ uit ‘Gloria: In Excelsis Deo’. Ideaal openingsnummer van een album en een optreden. De haast speelse reggaebeat in Redondo Beach, het heerlijk lang uitgesponnen ‘Birdland’. Na ‘Free Money’ waarin ze het refrein ‘We’ll dream it, dream it for free, free money’ letterlijk uitspuwt is het tijd om de plaat om te draaien. Voor diegenen die niet meer weten hoe dat moet, doet ze het letterlijk voor. Die B-kant bevatte ook voldoende uitschieters. Met als hoogtepunten de trilogie ‘Land’ – met die vrije poëzie en die gescandeerde stukjes ‘horses, horses, horses’ – en de ingetogen afsluiter ‘Elegie’. Dat dodenmonument werd opgedragen aan de afwezigen in onze eigen omgeving. Oorspronkelijk werd het gemaakt voor Jimi Hendrix. Hier wordt het ook opgedragen aan de bekenden uit haar eigen omgeving. Natuurlijk haar man Fred ‘Sonic’ Smith, Robert Mapplethorpe en Allan Lanier die dit nummer mee schreef. Eindigen deed ze duidelijk aangedaan – dag op dag twee jaar na diens overlijden – met Lou Reed. Hier werd vakkundig aan monumentenzorg gedaan. Na een moment stilte was het dan tijd voor andere bekend en minder bekend werk. En daar wrong het toch allemaal iets vaker. ‘Dancing Barefoot’ klonk een beetje mak. De daaropvolgende vlakke medley Velvet Underground nummers werd overgelaten aan de band. Blijkbaar even een rustmoment inbouwen was nodig. Dat uitgerekend in Brussel ‘Banga’ op de setlist stond kan geen toeval zijn. Daarin komt de relatie tussen Verlaine en Rimbaud aan bod. Een relatie waarin Brussel geen onbelangrijke rol speelt natuurlijk. Na een klein fuck-upmomentje – het eerste in veertig jaar volgens Smith – van drummer Daugherty werd er vuist in de lucht gepreekt voor de al overtuigden in ‘People Have The Power’. In de bisronde werden de snaren nogal theatraal van de gitaar gerukt tijdens ‘My Generation’. Volgens Smith is de gitaar ‘The only weapon we need’. Dat, en die na al die jaren nog bijna onaangetaste passie in haar geval.

Ongenaakbaar

Chelsea Wolfe - Foto: Kristin Cofer

Chelsea Wolfe – Foto: Kristin Cofer

Op zaterdag had de Brusselse zaal een mooi dubbelluik opgezet. Er was nog een aperitiefhapje in de vorm Mike Noga, drummer van The Drones. Maar gezien het vroege aanvangsuur lieten we dat aan ons voorbijgaan. Net op tijd liepen we de zaal binnen voor Chelsea Wolfe. De nog jonge koningin van het muzikale onderland leverde met ‘Abyss’ een dijk van een plaat af. Net als op dat album trapte ze donderend af met ‘Carrion Flowers’. De donkere doem werd verder uitgetekend in ‘Dragged Out’ en ‘Iron Moon’, nummers met loodzwaar brommende bassen en soms ijzingwekkende vocalen. Met dat nieuwe album onder de arm is het logisch dat de nadruk daarop ligt. Hier en daar werd ook gesprokkeld uit de meer elektronische voorganger ‘Pain Is Beauty’. Als dat dan gekoppeld wordt aan werk uit ‘Abyss’ levert dat soms mooie resultaten op. Het tweeluik ‘We Hit A Wall’ en ‘After The Fall’ vormde het hart van de set. Vooral het heftige elektronische tussenstuk in dat laatste nummer rekenen wij bij de hoogtepunten van de set. Sowieso is dat hét nummer van de plaat. Of het daaropvolgende gekraak uit de boxen tijdens ‘Maw’ nu echt de bedoeling was betwijfelen we. Via degelijke uitvoeringen van ‘House Of Metal’ en ‘Simple Death’ kwamen we bij de uitstekende afsluiter ‘Survive’ terecht. We merkten dat Wolfe probeert op meer dynamiek op het podium te creëren door los te komen van de microfoonstandaard. Helemaal vertrouwd doet dat niet aan. En ze blijft op het podium altijd iets ongenaakbaars uitstralen. Dat zorgt soms voor afstand. Het resultaat was een degelijke show met jammer genoeg ook een aantal minpunten. Hopelijk zijn die tegen Sonic City helemaal bijgeschaafd.

Broze kracht

Low - Foto: Thalia Hall

Low – Foto: Thalia Hall

Hoe vaak we ondertussen Low al gezien hebben ? Echt bijgehouden hebben we het niet. De eerste keer was in 2002 in de Leuvense Predikherenkerk. Dik dertien jaar later blijven we met mate verslaafd aan de band uit Duluth. De spil van de band blijft natuurlijk het duo Alan Sparhawk en Mimi Parker. Zoals geweten worstelt Sparhawk geregeld met een pak demonen. De zoals hij het deze keer zei ‘Wonderful’ Mimi Parker zorgt voor de nodige stabiliteit. Ook op muzikaal vlak. De laatste jaren wordt het kernduo bijgestaan door Steve Garrington. Hij beroert bas en wisselt dat vaak af met elektronische toevoegingen. Low heeft natuurlijk ook een nieuw album onder de arm, ‘Ones And Sixes’. Het openingsduo – ‘Gentle’ en ‘No Comprende’ – van die plaat keert hier terug met ingehouden spanning. Uit de vorige plaat ‘The Invisible Way’ plukten ze het trio ‘Plastic Cup’, ‘On My Own’ en ‘Holy Ghost’. Daarvoor was het de beurt aan het op elektronica drijvende ‘The Innocents’. Na dat trio was er het langzaam openbloeiende, bloedmooie ‘Spanish Translation’. Zoals Mimi spaarzaam de drums bespeelt, zo doet Sparhawk dat ook vaak met zijn gitaar. Geen noot teveel, de juiste uitbarsting op het juiste moment. Als hij dan eens mag uithalen zoals in ‘Pissing’ of ‘Landslide’ zorgt dat voor de nodige dynamiek in het concert. Tijdens optredens van Low neemt Alan Sparhawk de meeste zangpartijen voor zijn rekening. Harmonisch aangevuld door Mimi Parker. Ook hier, maar als het dan omgekeerd was, zoals in het oudje ‘Will The Night’ kon je niet heen om haar broze kracht. Dankzij de avondklok moet er iets vroeger dan gepland worden afgerond. Natuurlijk moet dat met publiekslieveling ‘Murderer’. Elke keer dat we Low zien denken we: ‘Nu is het wel goed geweest’. Veel beter dan die eerste keer of die Pukkelpop uit 2013 wordt het misschien ook niet meer. Maar elk concert van de band dat we al zagen was er toch dat moment waarop ze ons weer over de streep trekken. Dus binnen een jaar of twee staan wij toch weer ergens in een zaal naar hen te kijken.

Gezien:
Patti Smith plays ‘Horses’, dinsdag 27 oktober, Ancienne Belgique Brussel
Chelsea Wolfe en Low, zaterdag 31 oktober, Ancienne Belgique Brussel


Reacties