Events

Verdomd leuk festival


Dekmantel Festival heeft de afgelopen jaren zich bewezen als een evenement dat internationale allure kan koppelen aan een kwalitatief en onderscheidend aanbod.

In 2018 (1-5 aug), het tweede jaar op rij met vijf dagen festival, heeft de organisatie wederom aangetoond tot de top te behoren.
Ooit begonnen als een dj-collectief bestaande uit vrienden, is Dekmantel Soundsystem via een label en vervolgens festivalorganisator uitgegroeid tot een toonaangevende speler in de wereld van de elektronische muziek. Al vrij vroeg wisten de heren achter Dekmantel (met als kern het duo Thomas Martojo en Casper Tielrooij) zich te onderscheiden van de goegemeente door zich te richten op muziek die wordt gewaardeerd door de liefhebber (waaronder henzelf) van eclectische muziek. De gedachte dat goede muziek vanzelf wordt gevolgd door de juiste aandacht kan als basis worden gezien van alles dat Dekmantel de afgelopen jaren heeft georganiseerd. Het Dekmantel Festival is wat dat betreft wellicht het beste voorbeeld: ondanks de hausse aan (elektronische) muziekfestivals in Nederland en vooral Amsterdam, weet het zich steevast vrijwel uitverkocht, zelfs met een toename in aantal festivaldagen.

Muzikaal vertoog

Dekmantel Festival 2018 – Foto: Bart Heemskerk

Waar het eerste festival in 2013 nog tegen genoeg kinderziekten aanliep wegens een gebrek aan ervaring, staat de organisatie inmiddels alweer een aantal jaar als een huis. Ook in 2018 hebben we wat dat betreft weinig kritiek. Vijf dagen lang een een line-up waarin odes worden uitgebracht aan oude helden en nieuw talent alle ruimte krijgt zich te tonen en te ontwikkelen.
De muzikale nadruk ligt vooral op techno en house, maar er is tevens veel ruimte voor genres als industrial, jazz, afro-beat en reggae. De opzet van het festival bestaat uit twee avonden vertier in de stad en drie dagen in het Amsterdamse Bos, wat meteen een mooi visitekaartje is voor de diversiteit van zowel het festival als Amsterdam zelf. Dekmantel maakt gebruik van meer voor de hand liggende locaties als Shelter en de Tolhuistuin, maar ook van plekken die normaal gesproken eerder het toneel zijn voor de zogenaamde ‘hoge cultuur’, zoals het Bimhuis, het Muziekgebouw aan ‘t IJ en het EYE Filmmuseum. Met een heus conferentieprogramma, film screenings en discussies met artiesten heeft Dekmantel Festival zichzelf een serieus imago aangemeten, eentje dat wat dat betreft kan concurreren met festivals als Amsterdam Dance Event en Roadburn, waar het vertoog om de muziek heen een belangrijke component is.

Horizonten

Actress – Foto: Niels Cornelis Meijer

Nadeel van een locatie als de Tolhuistuin blijkt de soms enorme rij voor de deur, waardoor veel mensen niet tijdig binnen zijn om bepaalde artiesten te zien. Voordeel daarvan is dat men op zoek moet naar een andere locatie, om daar allicht een onbekende artiest te zien die de muzikale horizonten weer verder verbreedt. Zoals in het Muziekgebouw, waar een bijzondere sfeer hangt, een beetje tussen de gemoedelijkheid van het theater en de anticipatie van een intens concert. Als Actress (speciaal ingevlogen als vervanger van John Maus, wiens broer plotseling was overleden) in de grote zaal van het Muziekgebouw voor een enorm scherm met abstracte visuals zijn glitchy dub over laat gaan in een soort new wave techno, bestaan de extra bewegingen van het publiek voornamelijk uit hoofdbewegen, omdat vrijwel iedereen rustig op de grond zit. Het is grappig om te zien dat Actress, waarachter de Engelsman Darren Cunningham schuilgaat, tijdens zijn show een rugzak om heeft. Waarschijnlijk een onderdeel van de rol van ‘geleider’ die Cunningham heeft in dit audiovisuele spektakel. Een ander soort spektakel vinden we bijvoorbeeld bij het optreden van Yves Tumor (de Amerikaan Sean Bowie) in Shelter. Bij binnenkomst aldaar zien we geen hand voor ogen en moeten we ons een weg door dikke lagen rook worstelen om bij de bar te komen. Lompe, beukende, industriële beats versterken het bunkergevoel en de maniakale vocalen van Bowie zorgen dat het publiek murw wordt gebeukt in een trip der waanzin. Dat bedoelen we overigens positief, vanzelfsprekend. Een dag eerder gaf Four Tet (Kieran Hebden) juist weer een show weg in de andere kant van het spectrum. Zelf konden we helaas niet aanwezig zijn (ellende met afgebroken fietskettingen en lekke banden waren daar debet aan), maar een wel aanwezige bekende gaf aan dat Hebden het voor elkaar kreeg om juist heel erg in tune met het publiek te draaien, zonder zichzelf een gevangene te maken van een vooropgelegd stramien.

Kaf en koren

Een andere wijze waarop Dekmantel te vergelijken valt met de twee eerder genoemde andere festivals, is het aantal buitenlandse bezoekers dat het weet te trekken. Op de verschillende dagen horen we vaker een andere taal dan de Nederlandse voorbij komen. Veel Engelsen, maar ook mensen uit de Verenigde Staten, Italië, Frankrijk, Spanje – de internationale liefhebber weet het festival blijkbaar prima te vinden tussen al het aanbod. Dat heeft wellicht te maken met een zeer positieve houding die de website Resident Advisor al een paar heeft ten opzichte van Dekmantel, waarbij het met regelmaat als een van de beste techno festivals wereldwijd wordt genoemd. Het gevaar ligt dan op de loer dat er een publiek op afkomt dat je nou niet per se als publiek zou willen hebben, maar met hun programmering weet Dekmantel het kaf van het koren toch goed te scheiden. Dat uit zich ook op de festivaldagen in het bos, waar het zeker druk is op momenten, maar eigenlijk nergens te druk, te vol. Er is een zekere ruimtelijkheid, die deels komt door de opstelling van alle podia, deels doordat mensen elkaar de ruimte ook geven. Hierdoor is het fijn dwalen van de ene artiest naar de andere, van een eettentje naar de toiletten. Die zijn vanzelfsprekend ook belangrijk, en voor zover wij konden zien waren die voorzieningen goed geregeld. Er is bijvoorbeeld ook gratis drinkwater beschikbaar daar, van levensbelang in de verzengende, prachtige, on-Nederlandse hitte.

Kolkende lava

Dekmantel Festival 2018 – Foto: Niels Cornelis Meijer

De podia in het bos zijn het toneel van een zeer grote verscheidenheid aan artiesten. Zo staat op zaterdag de groep Ndagga Rhythm Force uit Senegal geprogrammeerd in de Green House, alwaar zij met hun energieke, licht psychedelische en polyritmische klanken het publiek in een dansende extase brengen. Eerder op de dag kreeg Insalar het ook voor elkaar om met live-muziek het Dekmantelpubliek voor zich te winnen met een mix tussen Turkse folk en zomerse elektronica. Ook deels live, maar dan zich bevindend aan de meer duistere kant van het geheel, vinden we op de zondag (Terence) Fixmer & (Douglas) McCarthy. De beukende industriële beats veranderen de brandend warme UFO II podium tot een kolkende lava-put, vooral als McCarthy zijn Nitzer Ebb-klassieker ‘Join in the Chant’ (uit 1987 alweer!) weg geeft.

Vrijwel tegelijkertijd staat Mark ‘Knekelhuis’ van der Maat te draaien op de Red Light Radio stage, samen met de opkomende dj Merel ten Braak. Op de donderdagavond in Shelter stond van der Maat (die we in het verleden spraken over de band Black Decades) ook al op het podium, samen met Parrish Smith, onder de noemer Volition Immanent. Een groep die schatplichtig is aan bands als Nitzer Ebb, Throbbing Gristle en Cabaret Voltaire, maar die er nog een dosis hedendaagse noisepunk-attitude overheen gooit. Parrish Smith staat overigens weer als dj geprogrammeerd vlak na Fixmer & McCarthy, om het dwarsverbanden-circus even compleet te maken.

Tel daarbij op dat minimal wave-koningin Veronika Vasicka in een droomduet met het immer vernieuwende techno-icoon Regis (Karl O’Connor) een ‘b2b’-set doet in de grote UFO-tent en het moge duidelijk zijn dat we hier te maken hebben met waarschijnlijk de meest fijne uurtjes van het festival. Althans, voor de techno-liefhebber met roots in metal en punk.

Grenzen slechten

Helena Hauff – Foto: Bart Heemskerk

Diegene komt ook bij festivalafsluiter Helena Hauff goed aan de trekken. Het is mooi om te zien dat Dekmantel de uit Hamburg afkomstige Hauff de afgelopen jaren alle kans heeft gegeven om zich te ontwikkelen tot headliner van het festival. En nog mooier om te zien dat Hauff het afsluiten van een festival ook op de typische Hauff-manier (en eigenlijk dus ook de typische Dekmantel-manier) doet: dwars, eigengereid, bijzonder. In de programmering biedt Dekmantel sowieso veel ruimte aan vrouwelijke artiesten, iets dat helaas in de wereld van elektronische muziek nog altijd geen vanzelfsprekendheid is . Met onder meer Hauff, Vasicka, Ten Braak, Xosar, Karen Gwyer, Elena Colombi, Lena Willikens, Charlotte Bendiks, Mafalda en Kléo zijn de vrouwen nog altijd in de minderheid ten opzichte van de mannelijke artiesten, maar de balans begint de goede richting op te schuiven. Ook wat betreft kleur bekennen probeert Dekmantel daar een goede schuif aan te geven, door ook te kijken naar artiesten van buiten de gebaande Westerse contreien. Dit gebeurt veelal nog wel binnen gestelde genres gekoppeld aan etniciteit, maar er worden alleszins stappen gezet. Er vallen nog genoeg grenzen te slechten wat betreft bovenstaande, maar Dekmantel loopt er in ieder geval niet voor weg en probeert daarin verantwoordelijkheid te nemen. En laten we niet vergeten: het is ook gewoon een verdomd leuk festival.
Gezien: Dekmantel Festival, verschillende locaties Amsterdam, 1-5 augustus 2018


Reacties