Events

Summer Bummer 2023 – Dag 2


Dag twee van Summer Bummer 2023 openen we in het klankenlaboratorium van de workshop van Pak Yan Lau. Onze zevenjarige dochter zien duelleren met Eric Thielemans op de musicscopes-dozen van Eric Van Osselaer, wij zijn al slechter aan de dag begonnen. Dat we de dag erna de opdracht krijgen om ‘ook zo’n doos’ te knutselen beschouwen we maar als collateral damage.

Summer Bummer - Musiscopes Pak Yan Lau - (c) Geert Vandepoele
Summer Bummer – Musiscopes Pak Yan Lau – (c) Geert Vandepoele

Contrabassist Nils Vermeulen bewees zich al meermaals op Oorstofpodia, bijvoorbeeld solo als voorprogramma van William Parker, Hamid Drake en John Dikeman of in duo met Elisabeth Klinck. En gisteren, op de eerste avond van Summer Bummer 2023, sprong hij bij in Martin Küchens Angles. Geruggensteund door Nemø Ensemble opent hij zaterdag het hoofdpodium, met zijn nieuwe ‘Many Worlds’, volgens het programmaboekje een project waarbij instant-compositie en ‘just intonation’ (reine stemming) een belangrijke rol spelen. Nu zijn onze oren té slordig gekalibreerd om reine stemming te onderscheiden van de meer gangbare stemmethode, maar dat de compositie zich ter plekke ontvouwde, daar kon je alleszins niet naast luisteren. Aanvankelijk ligt de hoofdrol bij dronende violen en cello, links op het podium, terwijl de ‘ritmesectie’, op rechts, een meer bescheiden rol vertolkt. Maar naarmate de drone aanzwelt en disintegreert, wordt de percussie van Wim Pelgrims aanweziger, en begint hij zich te manifesteren op een grosse caisse die vol percussief speelgoed ligt. Verder worden ook nog woordeloze zang en een reguliere drumset geïntegreerd. Fascinerende opener die de lat meteen weer hoog legt voor dag twee.

Maria Bertel blies een dag eerder al het stof van de muren van de grote zaal van Trix, als onderdeel van Selvhenter, maar deze dag doet ze dat nog eens veel spectaculairder over, met alleen maar haar trombone, haar effectpedalen en een stevig muurtje versterkers. Bertels speelt een spel met de kracht van geluid en feedback, een fysieke oefening, die her en der handen naar oren doet grijpen, al zien we weinig mensen weglopen. In het derde stuk laat ze haar trombone brullen en wordt haar spel abrassiever, daarmee een glimps tonend van haar roots in de noise-scene. Daarna gaat Bertel glitchier spelen en roept ze herinneringen op aan wat Nate Wooley soms met trompet en versterker doet, maar dan in een fysiekere variant. Trix dreunt op zijn grondvesten en in de provincie vragen amateur-seismologen zich vruchteloos af what the fuck dat ding met epicentrum Borgerhout kan zijn geweest.

Turquoise Dream was misschien het meest ‘klassieke’ kamerimprov-gezelschap van de dag. Al is dat ‘klassiek’ natuurlijk met een flinke korrel zout te nemen. Het hele spectrum van het genre wordt bespeeld: Violist Carlos Zingaro gaat van melodieus naar droney, Marta Warelis plukt heel de tijd in haar vleugelpiano, Marcelo dos Reis gaat zijn gitaar nu eens te lijf met een drum-mallet, dan weer schudt hij een virtuoze passage uit zijn mouw alsof het niets en Helena Espvall wisselt op haar cello dartele tokkels af met heftige riffs.

Kreten uit het publiek van zodra Marvin Tate het podium opstapt met Separatist Party. Blijkbaar heeft de man gisteren, met zijn performance samen met Ben LaMar Gay en Mike Reed, een solide fanbase gecreëerd. Het trio dat gisteren speelde, wordt voor Separatist Party aangevuld met mede-Chicagoans Cooper Crain, Rob Frye en Dan Quinlivan (alle drie van Bitchin’ Bajas). Ook vandaag declameert Tate zijn politiek-aanvoelende, theatraal aangezette spreekgezangen, maar om één of andere reden is de feedback uit het publiek wilder. Muzikaal wordt er ergens tussen Bitchin’ Bajas en gisteravond in geopereerd: de blazers schakelen regelmatig over op percussie, doorgaans wordt er een grave groove neergezet, waarover geestige gitaarriffs gelardeerd worden. Op een gegeven moment duikt er zelfs een bluesrockske op: wellicht een première in acht edities Summer Bummer. Persoonlijkheden doen het ‘m vaak bij dit soort muziek en Separatist Party zit boordevol persoonlijkheden.

Summer Bummer - Susie Ibarra & Tashi Dorji - (c) Geert Vandepoele
Summer Bummer – Susie Ibarra & Tashi Dorji – (c) Geert Vandepoele

Als er al iets bestaat als improv-royalty, dan is de Amerikaanse drumster-percussioniste Susie Ibarra erelid. Ibarra studeerde bij Milford Graves en werkte later samen met onder meer John Zorn, Pauline Oliveros, Wadada Leo Smith, Derek Bailey en zelfs Yo La Tengo. Gitarist Tashi Dorji is dan weer een rijzende ster aan het firmament van de vrije muziek: of het nu elektrisch is of akoestisch, fingerpickend of puur abstract. Vanavond kiest Dorji voluit voor elektrisch, met veel overtones en flageoletten, en start Ibara met haar handen op haar drumset. Gaandeweg smijt Dorji zijn looppedaal in de strijd, in combinatie met zware bastonen en ratelt Ibarra repetitief door. Het resulteert in een lange en verdovende set, tijd en ruimte heel even lijken weg te vallen.

Ibarra en Dorji hakten er dusdanig in, dat we beslisten ons hoofd even rust te gunnen en met pijn in het hart het trio van Heidi Kvelvane, Terrie Ex en de Belgisch-Cubaanse Làzara Rosell Albear over te slaan. En dat wil wat zeggen, want doorgaans laten we geen kans voorbij gaan om ons te laven aan de tomeloze energie van Ex. Van horen zeggen: het was heel goed.

Normaal gezien zou Ghosted headlinen, het trio van Oren Ambarchi, Andreas Werliin en Johan Berthling, maar die laatste was na een fietsongeval op doktersadvies thuis gebleven. In de plaats kregen we een onuitgegeven trio van Ambarchi en Werliin met Tashi Dorji. De opbouw van de set maakte een omgekeerde beweging, er werd zacht ingezet, met een bezwerende trip, daarna kregen we een lichthoofdig stukje psychedelica, waarna er vervolgd werd met een lang en zoekend middenstuk dat in en lange freakout strandde. Toen die storm eindelijk gaan liggen was, kregen we nog een mantra-esk downtempo stuk. Ambarchi is al vaak gepasseerd op Summer Bummer, en dit was niet de meest vanzelfsprekende passage, maar een kersvers trio voor de eerste keer zien spelen is op één of andere manier toch altijd een cadeau.

Summer Bummer - Liegenaar - (c) Geert Vandepoele
Summer Bummer – Liegenaar – (c) Geert Vandepoele

Was de tweedaagse begonnen met de piepjonge Ferdinand Lezaire en Ornella Noulet, ook de afsluitende slot van Summer Bummer was gereserveerd voor jong geweld. Als we bij Ambarchi-Werliin-Dorji buitenkomen is LiegenaarJakke Jalink en Kiara Govaert – er al aan begonnen in een met donkere gordijnen afgesloten stuk van het Trix-café. Ze bevinden zich in het midden van de vloer, met wat er nog overschiet van het publiek eromheen en we wanen ons meteen in een donkere kelder aan het begin van de jaren 1980. Met veldopnamen van stemmen, een batterijtje synths en allerlei prullaria – stenen en een theeketeltje – bouwen ze een geluidsuniversum waar de geest van Throbbing Gristle doorheen spookte. De set is aan de lange kant en naar het einde toe voelt het een beetje aan alsof Liegenaar ook met de mindere ideeën van de laatste repetities aan de slag gaat, maar dat maakt op zich niet uit: dit is een jong project dat binnen een jaar vast wél de aandacht een vol uur kan vasthouden.


Reacties