Met ‘Yellow Bell’ wijkt Sonic Pieces verder af van wat we van het Berlijnse label gewend waren geworden door een reeks mooie releases in de nieuw klassieke-hoek, van onder meer Rauelsson, F.S.Blumm & Nils Frahm en Moon Ate The Dark. Dit eerste album van Jasmine Guffond onder haar eigen naam zoek een weg door drones, soundscapes en dwalende gitaarliedjes. Onder de naam Minit maakte Guffond vergelijkbare muziek: dobberende drones met de echo’s van een langzaam slijtend muziekdoosje, en ook ‘Yellow Bell’ heeft dat dromerige karakter. Het eerste nummer glijdt door synth- en gitaartonen, waar zonder echt op te vallen allerlei elementen in opduiken. Een aarzelend piepende viool, een diepe bastoon die een eindeloze duik neemt, een vaag radiosignaal. Zo stroomt het door, kalm, zonder al te veel lijn, tot in het tweede nummer gekraak en een hummende stem verderop in de gang de geest van Grouper opwekken. Helemaal wanneer het nummer overgaat over in een echt liedje (al zouden we Liz Harris nooit over een olifant in haar kamer horen zingen, denk ik). Dan volgt een combinatie van spooky soundscapes en omgevingsgeluiden, een beetje Lawrence English in field recording-modus, waarna langzaam ritmische loops hun intrede doen. Nog een keer gaan de steeds aanwezige hints van een liedje over in een dromerige song, waarna Guffond de plaat afsluit met een lang en kalm, maar relatief uptempo nummer van loops en trillende drones die om elkaar heen draaien, alsof The Fun Years een High Wolf nummer proberen te remixen. Het zijn maar zes tracks, maar doordat de nummers veel van karakter veranderen voelt het na afloop alsof er veel meer is langsgekomen. Leuke plaat, waarvan, vermoed ik, bij herhaalde draaibeurten steeds andere passages er uit springen.