728x90 MM

Shaken

Twee voorbeelden van verkeerd gebruikt talent. De Kopenhaagse Maggie Bjorklund is een pedalsteelgitarist en singer/songwriter die meespeelt in de band van Jack White en verder onder meer tourde met Howe Gelb en Calexico. Op haar tweede solo-album krijgt ze hulp van o.a. drummer John Convertino van die laatstgenoemde band en John Parish op gitaar. Bjorklund weet dus nogal wat goede mensen om zich heen te verzamelen, maar haar solowerk pakt nogal wisselend uit. De plaat bevat een hele hoop instrumentale stukken, die spannend en sfeervol zijn, en een heerlijke southern noir-sfeer hebben en onmiddellijk allerlei beelden oproepen. Zoals ‘The Road to Samarkand’ dat smeekt om een goede spionnenfilm te begeleiden en het psychedelische, barokke pareltje ‘Missing At Sea’. Maar ook bevat de plaat diverse liedjes waarin Bjorklund zich als leadzanger profileert. En dat gaat haar helaas niet goed af. Ze heeft een dunne, onopvallende stem die nogal wegvalt in de prachtige gothic sfeer die de instrumenten en de productie neerzetten. Zie het nogal genante ‘Ashes’, waarin ze als een klein bibberig meisje zingt temidden van een heerlijke begeleiding die vraagt om een verleidelijke femme fatale. Dat het aan haar songschrijftalenten niet ligt, toont ‘Fro Fro Heart’, waarin ze in duet gaat met Kurt Wagner van Lambchop en dat onmiddellijk zoveel beter uitpakt dankzij de stem van Wagner die wèl past bij de muzikale sfeer. Bjorklund kan dus beter in de achtergrond blijven, want daar passen haar uitstekende talenten wel. Iets soortgelijks kan gezegd worden over ‘Lo-Files III’ van WiltMan, oftewel de Gentse muzikant Wim Kesteloot, voorheen actief als Agent Wander en in de rockband Viper Rosa. Tegenwoordig maakt hij o.a. muziek voor theateproducties. We stellen ons zo voor dat Kesteloot daar perfect op zijn plaats is, want ook hij weet een fijne sfeer neer te zetten met zijn gitaarwerk dat doet denken aan Ry Cooder, JJ Cale en Dire Straits. De meeste stukken op deze derde ep zijn instrumentaal en bevatten eenvoudige akkoordenschema’s waarover Kesteloot fijn soleert. En eigenlijk blijft het daar een beetje bij. De gezongen liedjes zijn oké maar blijven eigenlijk niet echt hangen. De instrumentale stukken zijn goed in sfeeropbouw, maar missen iets: een hook, een goede zanger, of beelden. Ook hier dus weer: duidelijk een talent voor sfeervol spel en productie, maar weinig talent om echt een liedje te dragen.

tekst:
Benjamin van Vliet
geplaatst:
ma 5 jan 2015

Nog meer nieuws krijgen over muziek en kunst?

Schrijf je in op de Gonzo (circus)-nieuwsbrief!