728x90 MM

Metamanoir

Op het debuut ‘Parole De Navarre’ deed deze band uit Bretagne het nog voornamelijk instrumentaal, en creëerde het viertal donkere, deprimenrende, Lynchiaanse soundtrackmuziek met als basis donkere jazz. Experiment en improvisatie worden hoog in het vaandel gedragen. De band werd dan ook opgericht voor een reeks improvisatienachten ingericht in het stadje Brest. Het beviel dermate goed dat het kwartet, genaamd naar het hoofdpersonage uit Twin Peaks natuurlijk, besloot om verder te gaan. Voor de tweede plaat komen daar The Dictaphones bij, een resem gastmuzikanten die vooral stem en blazers komen toevoegen. En dat maakt dat deze plaat meteen een stuk verder gaat dan de eersteling. Nog donkerder, dat wel, maar waar het debuut vooral ingetogen was, komt de band nu ook al eens steviger uit hun donkere krochten. Een donker jazzcabaret noemen ze zichzelf, en de waaier aan diverse vocale inspanningen, van de aan Yann Tiersen gelieerde Gaëlle Kerrien (met een doorrookt, schrapend timbre) tot aan de zeer creepy inbreng van Zalie Bellacicco tot de iets mindere mannelijke zang van Ronan Mac Erlaine, geven de plaat ruimte en variatie. Het gros van de songs is nog steeds aan de rustige kant en ademt de sfeer van film noir. Prijsnummer is echter ‘Mon Tragique Chartreuse’, twaalf minuten noisy doomjazz met een heel angstaanjagende sfeer. Dit is een mooie aanvulling in het rijtje Bohren Und Der Club Of Gore en Kilimanjaro Darkjazz Ensemble, zo niet de beste en meest gedurfde van de drie.

tekst:
Patrick Bruneel
beeld:
DaleCooperQuartetT_Metamanoir
geplaatst:
ma 5 jan 2015

Nog meer nieuws krijgen over muziek en kunst?

Schrijf je in op de Gonzo (circus)-nieuwsbrief!