Vooral in de vaak slepende zang viel dinsdagavond op hoe organisch en ‘humaan’ de muziek van het Londense caroline is. Hetzelfde organische dat bijvoorbeeld ook het werk van Godspeed You! Black Emperor heeft, hoewel daar juist weer helemaal geen zang aan te pas komt. Maar de muziek van beide groepen heeft iets aarzelends en daardoor iets kwetsbaars, dat tegelijkertijd juist weer zelfverzekerdheid en kracht uitstraalt.
De groep heeft de afgelopen jaren al op diverse Nederlandse festivals gestaan, zoals Crossing Border, Rewire, Into The Great Wide Open en Motel Mozaïque, maar nog geen ‘clubshow’ gedaan. Dat maakte nieuwsgierig naar dit concert in Tolhuistuin. Eerder dit jaar verscheen het tweede album van het Britse collectief, dat onlangs in het zomernummer van Gonzo (circus) werd geportretteerd. Uiteraard werd daarbij ook een poging gedaan om de nauwelijks grijpbare muziek van de groep te duiden. Logischerwijs viel in dat stuk het begrip ‘postrock’ – de associatie met Godspeed You! Black Emperor is in bovenstaande alinea ook al gemaakt. En tegelijk met folk. Een andere logische vergelijking is die met het zich qua zang eveneens lijzig voortslepende Low. Die laatste groep wortelt echter in de Americana en daar is bij caroline echter geen sprake van. Er zijn eerder historische lijnen te trekken naar Engelse bands als Henry Cow of Slapp Happy die wellicht een wat andere ‘sound’ hadden, maar een vergelijkbare avontuurlijke attitude.
De avond in het goed gevulde Tolhuistuin wordt trouwens geopend door het Nederlandse gitaar/drums-duo Able Noise dat in Gonzo #185 reeds uitgebreid aan het woord kwam. Inmiddels heeft het duo zich behoorlijk ontwikkeld in vergelijking met de concerten van begin dit jaar. De zang is aanzienlijk prominenter aanwezig, soms zelfs tweestemming, en behalve gitaar speelt George Knegtel nu ook bouzouki. Voor het laatste nummer, ‘Violence’, pakt zij weer de gitaar en speelt caroline-violist Oliver Hamilton als gast mee, zoals hij dat ook doet op de lp van het duo.
Twee albums heeft caroline inmiddels gemaakt, simpelweg ‘1’ en ‘2’ genoemd. In Amsterdam worden acht stukken van ‘2’ gespeeld en twee van het debuut. De acht bandleden staan in een halve cirkel met de opening naar het publiek, zodat ze ook elkaar kunnen zien. Zo doen ze dat altijd: een focuspunt ergens in het midden waar alle energie op gericht kan worden.
De stukken zijn vanuit improvisaties ontstaan, waarna de meest geslaagde impro-fragmenten tot een soort collages aaneengekit worden. Dat levert rare liedjes op. Fascinerende rare liedjes, maar die worden vervolgens bij concerten wel degelijk heel zorgvuldig gespeeld. Maar het is géén ‘painting by numbers’. Er wordt niet klakkeloos ‘nagespeeld’. Het is als een toren bouwen met wankele blokken. Telkens weer een opgave en het resultaat is geen twee keer hetzelfde. En dat voel je als publiek.
De groep staat achtkoppig op het podium. Twee blazers, twee strijkers, drie gitaren, drums. Maar in praktijk wisselt iedereen regelmatig van instrument. En vrijwel iedereen zingt, hoewel de meeste vocale partijen voor rekening komen van Jasper Llewellyn – één van de oprichters van de band – en violiste Magdalena McLean, die in de halve cirkel tegenover elkaar staan. Vaste gitarist Casper Hughes is in Amsterdam vervangen door Kiran Leonard – maar als Llewellyn dat niet halverwege het concert gemeld had, dan had waarschijnlijk niemand het gemerkt.
caroline is geen ‘politieke’ band wat de liedteksten betreft. Toch appelleert de hele houding van de groep aan een kritisch maatschappelijk bewustzijn. De extreem democratische manier van werken. De nadrukkelijk diverse en fluïde uitstraling, zowel in de persoonlijke sfeer als wat de benadering van muziek en cultuur betreft. En – niet in de laatste plaats – de groep heeft méér dan eens benadrukt dat caroline is ontstaan in de periode dat de progressieve Jeremy Corbyn leider van de Labour-partij was en die partij mede dankzij de steun van veel jongeren in 2017 de Lagerhuisverkiezingen won. Dat progressieve gesternte straalde ook af op de jonge band. Labour zakte twee jaar later weer terug, caroline niet.
‘When I Get Home’ is een prachtig stuk dat verstild begint met een pulse en enkele tintelende gitaren, waarna banjo en trombone het overnemen, waarna de gitaren een ontregelende tegenpartij gaan spelen. Live aanzienlijk extremer dan op de plaat. ‘Two Riders Down’ beweegt met veel tempowisselingen op grootse wijze naar een climax en overstijgt in Amsterdam eveneens de albumversie.
Het gekke ‘Coldplay Cover’ is voor het album in twee verschillende kamers opgenomen, waar de in tweeën gedeelde band nota bene twee verschillende nummers speelden. Iets wat caroline op het podium in Amsterdam ook probeert. Hel levert een merkwaardig soort canon op. Ook ‘Good Morning (red)’ van de debuutplaat is weer een indrukwekkend aanzwellend stuk.
En het afsluitende ‘Total Euphoria’ zou je het ‘signature stuk’ van de band kunnen noemen: eerst opbouwen, daarna laten ontsporen. Altijd weer het moment creëren voor een nieuw begin. Organisch, maar dat was al gezegd.
Gezien: caroline, dinsdag 9 sept 2025, Tolhuistuin, Amsterdam