Events

Louterend en triomfantelijk


Op dag twee van Roadburn 2019 sloten Dimitri Vossen en Serge de Pauw aan om de aanwezige Gonzo (circus) delegatie compleet te maken.

Rondwentelend motief

Het label El Paraiso heeft een mooie catalogus opgebouwd met een heel specifieke sound die mooi balanceert tussen psychrock en jazz, met steengoede bands als Causa Sui, Papir en recentelijk nog Kanaan. Mythic Sunship komt uit dezelfde stal en wist ons zopas nog te overtuigen met het vorig jaar verschenen ‘Another Shape of Psychedelic Music’. Daarom is het wat jammer dat de gelaagdheid en dynamiek van die plaat enigszins verloren gaat in breed uitgesponnen jams met bakken echo en reverb, vaak rond slechts één eindeloos rondwentelend motief. Dat euvel blijkt vooral uit hun cover van The Art Ensemble of Chicago’s ‘Theme de Yoyo’. Waar het origineel zich kronkelt langsheen ingehouden groove, uitbundige explosies en pure noise, reduceert Mythic Sunship het tot de een jam rond de basisriff. Misschien dat de galmbak van Het Patronaat zich niet leent tot al te subtiele performances, maar hier hadden we meer van verwacht.

Bij Seven That Spells hadden we dan weer volstrekt géén verwachting, maar de Kroaten speelden zich in een oogwenk in de gratie. Het was hun tweede set op Roadburn van in totaal drie opeenvolgende shows waarbij ze hun hele albumtrilogie ‘The Death And Resurrection Of Krautrock’ ten gehore zouden brengen. Een ambitieus plan, maar het middenstuk brachten ze alvast met veel bravoure. Uiterst strak gespeelde psychedelica met net genoeg randen en hoeken om bij de les te blijven. De motorische kadans van krautrock toegepast op exotische maatsoorten en Zappaiaanse wendingen. Opvallend was ook de sporadische samenzang, duidelijk beïnvloed door plaatselijke tradities, die de muziek van de band een heel eigen karakter verleende. De losse sfeer op het podium bij zulke virtuositeit maakte het plaatje compleet. Een frisse ontdekking!

Hypnotisch spektakel

Al enkele keren aan het werk gezien (in 2016 nog op Le Guess Who), maar dit was de eerste keer dat we écht onder de indruk waren van de gothische pathos waar Anna Von Hauswolff’s muziek op teert. Dat lag misschien ook aan de setting – het immense podium van de 013 is echt wel een plek waar die bombast volledig tot ontplooiing kan komen. De zangeres was niet meer dan een intens kronkelende gezichtloze schim achter haar orgel, maar haar stem vormde een lichtend baken tijdens de hele performance. De veelzijdige band ondersteunde haar daarin perfect, door haar intensiteit te evenaren zonder ooit met de pluimen te gaan lopen. Zo werd de show een hypnotisch spektakel dat je in golven murw sloeg, om je dan bij het nekvel terug recht te trekken. De voorbije tours met Swans hebben duidelijk hun stempel gedrukt.

Het door Tomas Lindberg (At The Gates) gecureerde programma ‘The Burning Darkness’ herbergde deze Zweedse parel: Gösta Berlings Saga, een moderne prog band die verschillende keren in hun set de geest van Goblin en hun Argento soundtracks opriepen, maar dan zonder de Zuiderse gezwollen pathos en kitsch die daarmee al eens gepaard kan gaan. In de plaats kwam een Noordse melancholie die de complexe en avontuurlijke muziek stevig met de voeten op aarde hield. Net als bij Seven That Spells is dit virtuoze muziek die toch niet loopt te pronken – de muzikanten verdwijnen in de muziek, en wij als publiek er achteraan.

Furieuze vortex

Op papier leek het altijd al een vreemde combi, de Portugese stoner rockers Black Bombaim in de clinch met de ondertussen bejaarde freejazz legende Peter Brötzmann. Maar het is net dat soort verrassende clashes waar Brötzmann zijn carrière op heeft gebouwd natuurlijk, en hun samenwerking in 2016 bewees alvast op plaat een voltreffer te zijn. Bleef dat op het podium van de Green Room overeind? Dat is nog zacht uitgedrukt. Het werd een absoluut hoogtepunt van de dag, een concert waar alle besef van tijd en ruimte werd opgezogen in een furieuze vortex. Beide partijen deden elk hun ding – Brötzmann toeteren alsof het laatste oordeel ervan af hing, Black Bombaim zoeken naar het donkerste hoekje van elke riff – maar net door dat gebrek aan compromis werd het samenspel naar een hoger niveau getild. Dit was geen clash tussen jazz en rock, maar de creatie van een nieuw amalgaam dat lak had aan dergelijke vooronderstellingen.
(Dimitri Vossen)


Periferie

Verbreden en verdiepen doe je door buiten de lijntjes te kleuren. Ondertussen is het publiek zodanig mee geëvolueerd dat je als samensteller niet langer bang moet zijn om bands te laten spelen in een (half)lege zaal -het debacle van Die Kreuzen in de grote zaal van 013 van enkele edities geleden staat nog fris in ons geheugen. Roadburn is al lang niet meer de Hoogmis van de stonerriff of de Viering van de spacejam. Ook de tijd dat er de facto op elke podium wel een paar Black Sabbath coverbandjes stonden is gelukkig voorbij. Op Roadburn kan ondertussen zowat alles, als het maar authentiek, intens, kwaliteitsvol, avontuurlijk, innovatief, onderscheidend en toch wel: donker is. Het moet (gelukkig) al jaren niet alleen maar heavy zijn. Vandaar dat naast de oer-genres steeds meer in de periferieën worden gehengeld. Black metal stond dit jaar bijvoorbeeld zonder enig probleem netjes naast de postpunk van Soft Kill en Drab Majesty.

Exclusief – een andere visitekaartje van het festival- was de lange set van die eersten, waarbij er twee albums integraal werden doorgejaagd: het vorig jaar verschenen ‘Savior’ en ‘Heresy’ uit 2015 dat recent een heruitgave kende. De zaal zat direct goed vol, de band had er duidelijk zin, leek hoegenaamd niet geïntimideerd en met een emotioneel doorleefd geluid dat het beste combineerde van The Chameleons, The Sound en Joy Division – met het hartverscheurende ‘Trying Not To Die’ als afgetekend hoogtepunt- leek het festival ook deze ingeslagen weg moeiteloos aan te kunnen.

Kosmisch paringsdans

Op Grauzone 2018 speelde het eveneens Amerikaanse Drab Majesty een meer dan memorabel concert. Op Roadburn leek de locatie, de enorme Koepelhal hen wat parten te spelen. Waar Soft Kill met vier man op een podium stond, moesten Deb DeMure (zang, gitaar) en Mona D. (elektronica en stem) het met hun tweeën zien te rooien en dat leek net dat tikkeltje te hoog gegrepen. Het duo moet het namelijk hebben van sfeerschepping – denk aan The Cure in een kosmische paringsdans met A Flock Of Seagulls, Fad Gadget en The Sisters Of Mercy- theatraliteit en een zekere mate van intimiteit. Hierdoor kwamen de nochtans uitstekende nummers uit hun eerste twee albums – ‘Careless’ en ‘The Demonstration’- niet helemaal uit de verf. Met uitzondering van een nieuw nummer, de voorbode van de deze zomer verschijnende ‘Modern Mirror’, kende het optreden geen echte verrassingen. Lag het aan de verkeerde locatie of aan het ongeïnspireerde karakter van de show ? Echt overtuigend was het niet.

De drukte bij Anna von Hausswolff hadden we grondig onderschat waardoor we pas een flink stuk in de set een goed plekje vonden in de grote zaal van 013. Bijzonder jammer want het half uur dat we toch konden meepikken bleek zonder meer een van de indrukwekkendste van het festival. Dat vonden wij niet alleen, het haast collectief tot extase gevoerde publiek, maar de frêle Zweedse duidelijk zelf ook. Haar gotische orgeldronemuziek deed ons denken aan het beste van Swans en toen naar het einde toe de betonnen vloer sonoor meetrilde leek dat alleen maar te worden bevestigd. Von Hausswolff puurde in grote mate uit haar recente uitstekende album ‘Dead Magic’ en legde hiermee de fundamenten voor een nieuw beloftevol hoofdstuk in haar carrière. Voor dit soort concerten zijn de omschrijvingen louterend en triomfantelijk uitgevonden. Onze kop eraf indien we haar niet zien terugkeren op Roadburn.

Oude vlag

Zagen we eerder op het festival: de Britse noisy spacerockpioniers Loop. Frontman (en enige constante) Robert Hampson ziet er meer en meer uit als de kruising van een Engelse dandy en een mod op jaren. Hij lijkt tegenwoordig zelfs op Paul Weller. De band maakte drie uitstekende platen tussen 1987 en 1990, maar sinds de eerste reünie in 2013 lijkt Hampson geen andere plannen te hebben dan live te spelen onder de oude vlag. Voor het traditionele Roadburn publiek is psychedelische rock iets wat eerder geassocieerd wordt met Hawkwind dan met Spacemen 3; en dat verklaart misschien het feit dat de grote zaal niet echt vol stond en er naarmate de set vorderde steeds meer gaten op de vloer ontstonden, maar wie zijn psychrock hard, luid, monotoon, repetitief en met een ietwat nihilistische industriële ondertoon geserveerd wil zien worden werd getrakteerd op een uitmuntend fuzzfeestje.
(Serge De Pauw)

Gezien: Roadburn 2019 – Tilburg – Vrijdag 12 april 2019
Tekst: Serge De Pauw, Dimitri Vossen en Niels Tubbing
Op deze dag vond ook de showcase van Holy Roar Records plaats, met op het programma maar liefst vijf artiesten van het label die vrijwel de hele dag de Hall of Fame overnamen. Niels Tubbing sprak met Justine Jones en Sam Robinson van het label en dat interview verschijnt spoedig online.


Reacties


  1. Pingback: Gezien: Roadburn 2019 – zondag | t-beest's blog

Er zijn geen reacties mogelijk.