Blog Recensies

Een macaber schouwspel dat ontspoort


“Ik zou zeggen veel plezier, maar dat lijkt me niet erg toepasselijk.”

Kreng - Foto: Katrien SchuermansZo besluit Pepijn Caudron, beter bekend als Kreng, op duister-komische wijze de aankondiging van zijn filmconcert Arcanum in Theater aan ‘t Spui. Caudron, het brein achter de cinematische soundscapes van theatergezelschap Abbatoir Fermé, sloot zaterdagavond in Den Haag het Verhelst XL-festival ter ere van de Vlaamse schrijver en theatermaker Peter Verhelst af met een ‘filmgedicht’. De muziek was van Kreng, de beelden van Abattoir Fermé en hun artistiek leider Stef Lernous.

Terwijl Caudron zich met twee laptops in een hoekje aan de zijkant van het podium had genesteld, tekende zich op het scherm een draaiende spoel af. “Voor wie daar behoefte aan heeft staat het vrij om te zoeken naar narratieve structuren, maar u moet eerder denken aan het bladeren door een fotoalbum“, waarschuwt Pepijn alvorens hij op de play-knop drukt.

Hoewel een lopende verhaallijn inderdaad grotendeels ontbreekt, wordt in Arcanum voortreffelijk gespeeld met terugkerende thema’s en karakters. Angst, ouderdom, pijn en de dood materialiseren in verschillende gedaanten. Alle scènes en spelers roepen iets unheimisch op, waardoor zowel de personages als de toeschouwers nooit helemaal op hun gemak zijn. Een steeds terugkerende draaiende spoel herinnert ons aan het voort tikken van de tijd. In de hele film komt duidelijk Lernous’ fascinatie met ‘de wereld achter de wereld’ naar voren.

Een grauwe naakte danseres, wiens imposante choreografie het midden houdt tussen die van een kronkelend slangenmens en die van een schokkende marionet, toont een zeer emotioneel, beladen en bij momenten magisch bewegingsspel. Indrukwekkend is ook het nu en dan verschijnen van een starende vrouw, wier penetrerende blik het best als ‘oordelend’ kan worden omschreven. Tevens geslaagd is een tot leven komende versie van Rembrandts De anatomische les van Dr. Nicolaes Tulp.

 

Dit alles word kracht bijgezet door de dreigende tonen van Kreng, die extra betekenis toevoegen aan de storm van beelden. Knap is hoe Caudron vrijwel de volledige 55 minuten een zekere spanning en ongemakkelijkheid in zijn muziek weet vast te houden. Erg mooi is bovendien hoe crescendo’s in een spel tussen beeld en geluid synchroon samengaan met handelingen in de film, of dit nou het oplaaien van een vuur of het sluiten van een raam is.

Caudron speelt zichtbaar genietend zowel nummers uit zijn oude repertoire als van zijn nieuwste langspeler The Summoner, door hemzelf omschreven als zijn meest persoonlijke plaat tot nu toe. Van dat album speelt hij ook het hoopvol klinkende Acceptance, met zijn troostende pianoklanken een mooie afwisseling van de grotendeels melancholische muziek. Krengs repertoire is rijk aan tekstuur, variatie en effecten en weet zelfs in de meest ritmische of harmonische momenten nog iets ongemakkelijks te incorporeren. Dit geeft zijn werk diepgang en gelaagdheid, maar ook iets aangenaam ongrijpbaars.

De eerste drie kwartier is het samenspel van audio en video een adembenemend schouwspel, hoewel het aantal ‘synchroonmomenten’ jammer genoeg beperkt blijft. Helaas schieten zowel de muziek als de film tijdens het slotstuk, dat toch voor een groot deel de indruk na afloop bepaalt, uit de bocht. In een gruwelijke scène wordt met een knap spel van licht en duister getoond hoe een man met precisie op vakkundige wijze zijn gezicht verminkt en hier met een mes meerdere delen van af snijdt.

Gaat dat te ver? Kan dat echt niet? Dat zou ik niet zeggen. Als liefhebber van experimentele en extreme kunst juich ik het toe wanneer artiesten de grenzen van het vertrouwde en geaccepteerde opzoeken en overschrijden. Je gaat niet naar een productie van Abattoir Fermé om je op je gemak te voelen.

Nee, het jammere aan het slot van Arcanum was dat een macaber en onheilspellend doch fijnzinnig en minutieus geconstrueerd schouwspel plotsklaps overging in rauwe, grove beelden die vooral uit leken te zijn op shock value. Zowel de grafische visuals als de dreunende muziek van Amenra (ook van The Summoner) voelden erg out of place en vormden een teleurstellend slot van een verder intrigerend en uitstekend filmconcert. Diverse schokkende schouderbewegingen in de zaal wezen erop dat er meer mensen moeite mee hadden.

Maar ondanks het stuitende slot was het geheel een sfeervolle en audiovisuele sensatie zoals alleen Abbatoir Fermé die kan maken. De onheilstijding die als rode draad door de hele video loopt, in dreiging versterkt door de muziek van Kreng, was een genot voor de kijker die zich vooral buiten zijn comfort zone thuis voelt. Wederom een gitzwart pareltje uit Vlaanderen.


Reacties