Blog

Bier met Blixa (hij betaalt) – Berlijns Dagboek 5 (slot)


Vrijdag

Lou Reed zong het al met betrekking tot het junkiebestaan: “First thing you learn is you always gotta wait.” En iedere muziekliefhebber kent de beroemde uitspraak van Charlie Watts dat het leven van muzikanten vooral uit wachten bestaat. Journalisten kunnen daar echter eveneens over meepraten.
Natuurlijk is het niet echt handig dat mijn interviews met Carsten Nicolai en Blixa Bargeld allebei kort voor mijn vertrek uit Berlijn zijn gepland. Maar beide heren wilden het nu eenmaal graag zo. Niet helemaal toevallig, overigens. In mijn geval is het puur toeval dat ik ze beiden wil spreken: Blixa vanwege de jubileumtour van Einstürzende Neubauten en Carsten omdat hij als alva noto begin september op het GOGBOTfestival in Enschede staat. De twee hebben echter onder de naam anbb de ook samen een EP gemaakt en een album volgt binnenkort. En in dat verband hebben ze later op de middag ook nog samen een interview met een Duitse journalist gepland.

Klokslag één uur meld ik mij in Eigen + Art, de galerie in het Berlijnse stadsdeel Mitte die Carsten Nicolai vertegenwoordigt. Een metersgrote zwarte doos met daarin een stroboscopisch flikkerende lichtlijn midden in de ruimte geeft onmiskenbaar aan om wie het hier allemaal draait. Er kan geen twijfel over bestaan dat de kunstenaar goed boert. Een galeriemedewerkster belt met Carstens perssoonlijke assistent Daniel, die mij op komt halen en naar de tuin brengt. Carsten is er nog niet. Hij is vorige week vader geworden en even met vrouw en kind naar de dokter voor controle. Maar hij is onderweg, geen zorgen.
Zorgen maken is niet mijn core-business, antwoord ik. Maar mijn schema is deze middag een beetje krap.
Daniel knikt begripvol en vraagt of ik misschien een glaasje water wil. Hij heeft ook een plan. Hij zal Blixa even bellen met het verzoek of hij ook naar de galerie komt. Dat scheelt mij de wandeling naar de ‘exquisiete’ wijnbar waar ik later met de Neubauten-voorman heb afgesproken.

Veruschka von Lehndorff - hoesfoto van het aankomende anbb-album

Ik besluit van de nood een deugd te maken en schrijf aan de tuintafel een ‘Groeten uit Berlijn-kaartje’ aan mijn moeder – wat er de hele week nog niet van gekomen is. Daarna loop ik het kantoor binnen. Aan de muur een printproef van de hoes van het binnenkort te verschijnen anbb-album: een foto van Veruschka von Lehndorff, legendarisch fotomodel uit de jaren zestig en zeventig die ook nog een rolletje speelde in Antonioni’s film ‘Blowup’ en meer recent is ‘Casino Royale’ was te zien.

Blixa zal mij later zeggen dat hij haar al jaren kent; met haar bevriend is zelfs. En hij vertelt over Verurshka’s vader, Heinrich Graf von Lehndorff-Steinort, die in het adellijke verzet tegen de nazi’s zat en betrokken was bij de Von Stauffenberg-aanslag op Hitler. En dat de foto in kwestie ‘Wallstreetspyder’ heet en gemaakt is in Wallstreet
De telefoon gaat. Daniel neemt op. ,,Dat was Carsten,’’ zegt hij even later. ,,Hij is bijna hier.’’
Om half twee komt hij de tuin in lopen, baby in een draagzak op zijn buik. Zijn vrouw vlak achter hem. Hij groet hartelijk. Hoe lang ons vorige interview ook alweer geleden is, vraagt hij en informeert en passant of het )toon)-festival nog bestaat. Maar voordat het interview serieus begint wil hij de baby even naar binnen brengen – hij woont boven de galerie.

Carsten Nicolai

Carsten is een prettige conversatiegenoot. Iemand die nooit zal antwoorden dat hij ergens nog niet over heeft nagedacht. Hij heeft overal over nagedacht, lijkt het. En bovendien weet hij zijn gedachten ook nog eens helder en duidelijk te verwoorden. Een kunstenaar die zijn ideeën over buitengewoon abstracte kunst op een zeer laagdrempelige manier weet te over de brengen.

Enfin, dat verhaal komt begin september in de Twensche Courant /Tubantia terecht.

Terwijl we zitten te praten komt een wat gezette man in een morsig zwart pak de tuin in lopen. Blixa. Hij praat even met Daniel, loopt weer richting voordeur, kijkt in onze richting, maakt een soort zwaaigebaar met zijn arm naar voren en zegt dan: “Ik drink een biertje in het café aan de overkant. Kom me daar maar opzoeken als het zover is.”

Een kwartiertje later is het zover. Ik heb afscheid genomen van Carsten en Daniel en als ik de Galerie uit loop zie ik hem aan de overkant aan een tafeltje zitten: leesbril op de neus, gebogen over een krant, glas bier bij de hand.
Als ik “Hallo” zeg en op de stoel tegenover hem plaatsneem blijft hij onverstoorbaar doorlezen. Ha, zo ken ik de dwarse Bargeld! Twee, drie minuten later legt hij de krant neer, de leesbril ernaast, steekt zijn hand naar mij uit en vraagt of ik ook wat wil drinken. De wat norsige houding van de eerste minuten lijkt een restant – misschien wel een relikwie – van de oude Blixa. Ik heb hem in de loop der jaren een keer of vijf ontmoet en hij lijkt rustiger geworden. Opener ook; minder een rol spelend. En vriendelijker; al is er nog altijd een groot verschil met de nadrukkelijke ‘doe-maar-gewoon’-houding van Andrew Chudy.

Blixa praat gemakkelijk en gaat geen onderwerpen uit de weg. Hij kan zich ook nog veel van dertig jaar geleden herinneren – somt zonder veel aarzelen de clubs op waar Neubauten de eerste twee Nederlandse tournees speelde.
Als hij lachend vertelt dat Andrew bij de eerste Nederlandse tournee aan de grens met wat marihuana werd betrapt schiet hem een ander verhaal te binnen. “Wist jij dat Louis Armstrong een enorme ‘pothead’ was?” vraagt hij. Ik schud mijn hoofd.
“Die man was werkelijk verslaafd aan marihuana, tot op zeer hoge leeftijd. Hij had altijd pot bij zich. Ik las eens het verhaal dat hij voor een of andere internationale vlucht toevallig hetzelfde vliegtuig nam als Richard Nixon. En Nixon was een enorme fan van Armstrong. Hij vond het prachtig dat hij een hele vlucht lang in de buurt van zijn muzikale idool kon zijn en hem alles kon vragen wat hij wilde. En Armstrong liet zich dat graag welgevallen. Toen ze in de rij voor de douane stonden vroeg Armstrong aan Nixon: ‘Zou u misschien mijn trompetkoffer even kunnen dragen?’ Natuurlijk kon Nixon dat. Hij vond het zelfs een hele eer, zei hij. Nou, dan hoef ik jou natuurlijk niet te vertellen wat waar Armstrong altijd zijn marihuana in smokkelde, haha.”

Blixa Bargeld

Blixa vindt het na zijn bier wel tijd worden voor een glaasje wijn. De serveerster brengt de wijnkaart en blijft naast ons tafeltje staan. Het is een doodgewoon eetcafé waar we zitten; zeker geen ‘exquise’ wijnbar. Blixa heeft z’n leesbril weer opgezet en bestudeert de kaart. Hardop leest hij de namen van de wijnen, één voor één. En de serveerster maar wachten. Tenslotte bestelt hij een glas op een toon alsof hij zojuist gekozen heeft tussen de dood door de kogel en de dood door de strop.

Hij vertelt dat hij hier om de hoek woont. Ik weet het, Andre Chudy heeft mij het huis dinsdagavond ongeveer aangewezen. En hij wordt wat venijnig als FM Einheit ter sprake komt. Andrew heeft inmiddels weer goed contact met ‘Der Mufti’, zei hij dinsdag. Maar tussen de zanger en Einheit zit het nog steeds niet goed.

We hebben het over de misverstanden rond Neubauten. En over de val van de Muur, die in tegenstelling tot wat vaak gedacht wordt nauwelijks een rol speelt in de muzikale ontwikkeling van de groep. Maar dat komt allemaal in mijn krantenverhaal dat in oktober gepubliceerd wordt.
Blixa vertelt dat hij op de avond dat de muur echt ‘neerkwam’ in een studio bij Schlesisches Tor bezig was met de mix van het album ‘The Good Son’ van Nick Cave and the Bad Seeds. Een buurt waar het destijds ’s avonds doods en verlaten was. Opeens stond het daar vol mensen. Duizenden mensen.
En we hebben het over andere Berlijnse bands, die ongeveer gelijk met Einstürzende Neubauten opkwamen. “Die scene was piepklein. Iedereen kende iedereen,” zegt Blixa.
Ik vertel dat ik begin jaren tachtig in Haarlem Didaktische Einheit en Alu nog eens heb zien spelen.
Bargeld begint te lachen. “Die lui van Alu waren al veel langer bezig. Die hadden in een soort hippieband gespeeld. Maar om bij de scene te horen gingen ze zich opeens anders kleden en andere muziek maken. Dat waren eigenlijk gewoon neppers.”

Als het over de toekomst van Neubauten gaat blijft Bargeld vaag. Enthousiaster is hij als hij over anbb praat, zijn project met Carsten Nicolai.
Even voor half vier neem ik afscheid van hem. “Ik betaal wel,” zegt hij. En dan, op luidere toon in de richting van de serveerster: “Zet het maar allemaal op mijn rekening.” Alsof er een soort bacchanaal heeft plaatsgevonden. Het waren twee biertjes en een glaasje wijn.
Ik haal mijn trein. Met gemak zelfs. Onderweg kom ik een Neubauten-poster tegen waarop het concert van de groep in de Berlijnse Columbiahalle wordt aangekondigd.
“Is dat al uitverkocht?” had ik Bargeld eerder op de middag gevraagd.
“Uiteraard!” antwoordde hij.


Reacties


  1. Naam
    Harry Prenger
    Bericht

    Mooi opgeschreven Peter, alsof je als lezer aan tafel zit.

  2. Naam
    Katrien
    Bericht

    Hey Peter,

    Mooi sluitstuk van een heerlijke dagboekreeks. ’t Geeft mij een nieuwe blik op Berlijn en zijn muzikale kunstenaars. En het las allemaal alsof ik daar zelf rondliep en iedereen geroemd tegen kwam.
    Bij een volgende bezoek ga ik zeker ook eens al je adressen af, buiten dat free wifi-café op Rosenthaler Platz. Daar heb ik vorige winter nog naar de tokkelende mensen gekeken, de vrouw die haar ‘buro’ opstelde, bij een overheerlijke koffie.

  3. Naam
    Tom
    Bericht

    Hoi Peter, goede vraag van Carsten: bestaan )toon)-festival eigenlijk nog?

Er zijn geen reacties mogelijk.