Geluid

Thorofon

Roots


Artiest:Thorofon
Titel:Roots
Label:Ant-Zen
Distributeur:Clear Spot

Artiest:Sonic Area

Artiest:Michael Idehall

www.ant-zen.com

Met ‘Roots’ propageert het Duitse Thorofon (Anton Knilpert en Geneviève Pasquier) ondubbelzinnig dat ze terugblikken naar hun begindagen, zo’n twee decennia geleden. Dat startpunt is makkelijk terug te brengen tot old school industriële muziek, power electronics, noise en kille electro/EBM. SPK, Cabaret Voltaire en Throbbing Gristle zijn nooit veraf, net als wat recentere aanknopingspunten als The Klinik (‘Cold Fever’), Haus Arafna of Portion Control. Om stil te staan bij die voorbije twintig jaar werd nooit eerder uitgebracht archiefmateriaal samengeklit met nummers die op compilaties zijn verschenen en technologische geüpdatete versies van oudere tracks. Het geheel is verbazend homogeen, zowel qua sound als atmosfeer. Dat is niet zozeer een gebrek aan progressie, maar eerder een teken van volharding. Arnaud Coëffic (alias Arco Trauma, alias Sonic Area) kan zijn fascinatie voor sciencefiction niet verstoppen. Dat was zo op de prima voorganger ‘Music For Ghosts’ en dat is zo op ‘Eyes In The Sky’. Voor zijn imaginaire reis naar de sterren werkte Coëffic bijna uitsluitend met analoge modulaire synthesizers en dan zijn associaties met Brian Eno of Tangerine Dream gauw gemaakt. Dat het dit jaar exact vijfenvijftig jaar geleden is dat de Rus Yuri Gagarin in de ruimte werd geschoten blijkt voor de Fransman bovendien een gedroomde thematische kapstok. Zonder echt retro te klinken, vervoeren de elf minimale en repetitieve tracks ons zo naar de jaren 1970. ‘Eyes In The Sky’ is een en trip naar een andere tijd in een andere ruimte. Michael Idehall uit Zweden ten slotte maakt naar eigen zeggen ‘seancetronica’. ‘No Man’s Land’ is daarvan inderdaad het overtuigende bewijs. Idehalls manier van werken bestaat voornamelijk uit het metselen van drones, dark ambient en soundscapes waarover zijn bewerkte en de in de mix verstopte stem voor een vervreemdend effect zorgt. Soms hypnotiserend, soms verontrustend. Openingstrack ‘Of The Stupa’ bijvoorbeeld behoort duidelijk tot de laatste categorie, alsof Mz.412 of Trepaneringsritualen uit een lange, diepe narcose zijn ontwaakt. Je voelt de latente dreiging, maar de woede is nog te verdoofd om te escaleren tot razernij. Precies die ingehouden situatie creëert dat seance-effect. Geen woord van gelogen dus. Idehall heeft echter meerdere kaarten in zijn mouw steken. ‘Deep Code’ flirt met scheve pop (ligt het aan ons, maar hoorden we daar nu geen flard Britney Spears?), terwijl in ‘Nightmare’ de noiseduivels worden ontbonden. ‘Raven Of Abraxas’ trekt ons dan weer mee in een cold wave bad. Het zijn Idehalls alternerend monotone, sonore, repetitieve en/of fluisterende stem en de stilistische afwisseling die van ‘No Man’s Land’ een album maken dat zich opmerkelijk weet te onderscheiden in het industriële overaanbod. Aanbevolen dus.

Reacties