Events

Postrockjohnny’s op Dunk!festival


Een warm onthaal alweer, zoals we dat van het Dunk!Festival-ontvangstcomité gewoon zijn. Daarbij horen bro hugs, prospectie van de line-up des daags, en bovenal – bij fantastisch weer als dit – frisse pintjes. Laatstgenoemden waren gevoelig in verkoopprijs toegenomen, want ja… Cultuursubsidies! Maar mecenassen als we zijn, dragen wij gaarne “ons steentje bij”, zoals iedereen dat toch moet doen in tijden van crisis.

Enfin, ter zake: de slogan van deze editie luidt more is more, wist de sympathieke Dunk!Crew ons te melden. En daar leek het inderdaad op: nog meer lichten, nog betere geluidsinstallatie (de p.a. op het tweede podium was naar verluidt een prototype dat in België nog niet verkrijgbaar is), en ook: nog meer volk!

Of dat allemaal goede evoluties waren, laten we voorlopig nog even in het midden. Het kwam de openingsshow in ieder geval ten goede. Fall of Messiah was alles wat een opener van Dunk! moet zijn: dynamisch (zachte intro’s werden afgewisseld met loeiharde climaxen) en één en al de vreugde die gepaard ging met het besef dat ons favoriete postrock-festival weer was afgetrapt, drukte dat gevoel vakkundig de kop in.

Slowrun, een groep uit de eigen Dunk!Recordsstal, mocht het tweede podium openen: degelijke instrumentale rock, net zoals op plaat. Ook Spoiwo zou je een genreoefening kunnen noemen, maar zij speelden – live althans – een klasse hoger. Door het afhaken van Mutiny on the Bounty waren ze gepromoveerd naar het hoofdpodium, en dat was zeker niet onverdiend. Hun geluid was rijker, emotioneel gingen ze dieper, en de uitbarstingen klonken overtuigend. Eerste uitschietertje van de dag. En er was ook een goeie klik met het publiek: na de show bleven ze nog minutenlang het publiek toespreken annex bedanken, beantwoord met eenstemmig gejuich.

Het trio Environments speelde daarna ter afkoeling een rustigere en onderhoudende set – altijd welkom tussen het geweld. Waarna Obscure Sphinx weer alles uit de kast mocht halen om het publiek te overdonderen. Het viertal speelt posthardcore – vrouwelijke, soms mannelijke screamo’s – in marcellekes, en opende de set met een lang, gelaagd nummer dat meteen de toon zette. Voor de rest is dit wat je van een hedendaagse act op de kruising van hardcore en metal kunt verwachten: donderende ritmesectie, al eens ondersteund door dubbele basdrums, basic  riffs, veel toewijding en headbangen maar.

Op de valreep werd Inwolves aan de line-up toegevoegd: het afzeggen van Mutiny on the Bounty was de aanzet voor een heuse stoelendans qua podiumplanning. Ideale gelegenheid dus, voor drumster Karen Willems, om haar tweede plaat ‘Involves’ (uit op Consouling) aan de internationale postrock-scene voor te stellen. En de vette eighties-Casio’s van Jürgen De Blonde (de portables) en  klonken nog nooit zo fris! Hier en zijn kompaan daar leek het alsof over de structuur van bepaalde nummers nog niet helemaal een consensus was bereikt. Maar wel schitterend hoe (dat moet een typisch Vlaamse eigenschap zijn?) de muzikanten tegelijk heel serieus met hun beroep bezig zijn, maar zichzelf wel te allen tijde kunnen relativeren. Reken ons sowieso maar tot de fans van de droge West-Vlaamse humor van De Blonde. Inwolves in een notendop? Misschien niet de strakste, maar wel veruit de interessantste band van dag 1! Een super sub, zeg maar.

Tides from Nebula, de voorlaatste band op het hoofdpodium, is wellicht nauwelijks bekend buiten de scene, maar na twee eerdere passages zijn ze uitgegroeid tot een publiekstrekker op Dunk! De tent zat afgeladen vol – een man of achthonderd – en de Polen leken wel een thuismatch te spelen. We hebben het al een paar keer gezegd, maar dit maakt een festival als Dunk! zo waardevol: Tides from Nebula kun je ook in een café zien spelen voor enkele tientallen mensen, maar de optimale Dunk!omstandigheden tillen de groep naar een hoger niveau. Ook al waren ze wat gehandicapt: één van de gitaristen was uitgevallen door ziekte. Naast een selectie van hun beste songs uit de eerste platen stelden ze ook hun gloednieuwe plaat ‘Safehaven’ voor. Even gecheckt bij de merchandise-stand achteraf: de nieuwe plaat werd massaal verkocht, én gesigneerd. Nog altijd een zeer betrouwbare indicator.

Nils Gröndahl begon zijn set een beetje clichématig: subtiele vioolloopjes die opbouwden naar vollere stukken. Maar hoe langer hoe meer begon de Deen zotte kunstjes uit zijn strijkinstrument te toveren. Door middel van effectenpedaaltjes en andere vreemde snufjes creëerde de man een freaky, maar betoverend klanktapijt. Wij waren helemaal mee, tot we eensklaps de mond gesnoerd werden: “zee es stel man, debiel (sic.)”. De vriendelijke woorden waren afkomstig van een met driekwartsbroek én marcelleke uitgedoste Limburger, die (en deze hypothese is verder nergens op gebaseerd) zijn zondagnamiddagen volgens ons het liefst van al in de Super Fit Gym spendeert. Dat deed ons een klein beetje heimwee krijgen naar back in the days, toen Dunk! nog kleiner en fijner was. Gelukkig was er altijd nog een Ename onder vrienden, om ons humeur weer op te krikken.

65daysofstatic maakte het afgelopen decennium de live-transformatie door van een snedige, verknipte uptempo gitaarshow naar een eurohouse-fuif. Dankzij de mix met de oude hits leverde dat enkele jaren geleden nog een feestje op, toen ze het Dunk!festival op de laatste dag afsloten. Wij waren er toen niet wild van – te weinig gezopen, allicht – maar de rest van het publiek pakten ze toen moeiteloos in. Wat zou het deze keer worden? De tournee van tien jaar ‘The Fall of Math’ lag nog niet zo heel lang achter ons; anderzijds komt er binnenkort een nieuwe plaat aan. Het publiek was alvast in topvorm toen het joviale viertal het podium op kwam, maar daarna bekoelde de sfeer al snel. Er werd overvloedig uit de laatste plaat geput – niet de meest populaire onder de fans, en toch ook niet meer zo vers – en zelfs de eerste rijen bleven het vrij bewegingloos ondergaan. Aan de setting lag het niet: er was een overtuigd publiek, de geluidsinstallatie was top, de lichtshow was fantastisch. Maar laat het viertal deze songs in een café spelen en de show zakt als een pudding in elkaar. Er werd voortdurend gespeeld met spanning en ontspanning, maar de songs waren gewoon niet sterk genoeg. Een uur ver in de set – gelukkig onderbroken door een aardige maar korte vooruitblik op de nieuwe plaat – kon er dan toch nog een ‘Radio Protector’ vanaf: publiek blij. Maar vóór de bis droop al een bijzonder groot deel van het publiek af, en heel hard werd er nu ook weer niet geroepen om een bis. Maar die kregen we wel, en dus konden we alsnog vanop de voorste rijen een uitstekend ‘Retreat! Retreat!’ ondergaan. Eigenlijk is de spreidstand te groot: voor het grootste deel doet de groep zijn zin – alle respect daarvoor – en als toegift zijn er dan enkele crowdpleasers die ze dan ook élke keer spelen. Een evenwichtige selectie uit de discografie had wellicht meer indruk gemaakt.

Tekst: Nico Kennes en De Geluidsarchitect

Foto’s: Davy De Pauw


Reacties