Events

Over datum of tijdloos?


De Lokerse Feesten brengen tien dagen lang voor elk wat wils. Van charmezangers tot metal. Van soul tot electro. Van singer songwriters tot gitaarrock. De ideale barometer om een balans op te maken van wat de tand des tijds heeft doorstaan en wat niet. Ligt het aan het genre? Of de manier van spelen?

Gedurende het laatste weekend passeerden Leftfield (hun debuut ‘Leftism’ brak potten anno 1995), Chic (1976) en Robert Plant (Led Zeppelins eerste dateert van 1969) op het podium. Zijn die bands ‘over datum’? Of is hun muziek tijdloos?

Unieke riff

Over Chic zal ik kort zijn, want niet gezien in Lokeren. Ik zag Nile Rodgers in de AB eind vorig jaar en liep twee dagen nadien nog met het hoofd in de wolken. Met disco zegt u? En die zeventigerjaren sound? Gedateerd? No way! Die typische gitaarriff van Nile Rodgers is er een uit de duizend. Uniek. Even herkenbaar als Beethovens bekende eerste thema van vier noten uit diens Vijfde Symfonie. Ludwig van Beethoven stond trouwens aan de wieg van rock ‘n’ roll (en de disco volgens sommigen) -maar dat is een ander verhaal. Een ‘classic’ dus! Daft Punk katapulteerde dhr. Rodgers ondertussen in de eenentwintigste eeuw. Op dat funky riffje van Rodgers staat absoluut geen datum. Mark my words: binnen vijftig jaar swingen ze in de een of andere habitat op Mars nog steeds op ‘Le Freak’.

Het Britse Leftfield werd voorafgegaan door Super Discount. Beter bekend als: Etienne de Crécy, die samen met Alex Gopher en Julien Delfaud het podium deelde. Monsieur ‘French Touch’ himself zeg maar. Raar fenomeen. Want toen in de tweede helft van de jaren 1990 Deep House en House in de VS en Engeland passé waren en plaats hadden gemaakt voor Big Beats, zette Etienne de Crécy house terug op de agenda. Deze Franse producer mixte aanvankelijk met Philippe Zdar (hij vormde later met Bomm Bass Cassius) onder de naam Motorbass techno beats met seventies disco voor hij met zijn project Super Discount de ‘French Touch’ (met geestesgenoten Air, Daft Punk en Cassius) introduceerde: samples van techno, disco en house, door een phaser gedraaid met een gemiddelde van 110 à 130 beats per minuut. Een gegarandeerd succes op allerhande feestjes. En festivals. Na een bepaald uur. Want om 19 uur op een half leeg plein? Super Discount leent zich tot de latere uurtjes. Ze gaven alvast de toon voor de rest van de avond. Niet zonder enige nostalgie. Want hoe je het ook draait of keert: de zogenaamde French Touch is heel dansbaar en bijzonder ophitsend, maar houdt tegelijk een typische nineties sound in, waar melancholie aan opzwepende beats wordt gekoppeld.

Rillingen

Tekent dit geluid dan ook Leftfield? In zekere zin wel. Van dit Britse duo (van producers en DJ’s) blijft nog uitsluitend stichtend lid Neil Barnes over. Barnes bracht na zestien jaar (hun tweede ‘Rhythm and Stealth’ dateert van 1999) een nieuwe Leftfield plaat uit: ‘Alternative Light Source’. Tijd om het ding te promoten en de wereld rond te trekken dus. Barnes putte dan ook gulzig uit zijn laatste worp. Prima stuff trouwens. De plaat sluit nauw aan bij ‘Rhythm and Stealth’. De zware bassen en pulserende beats kregen wel degelijk mijn ledematen in beweging.

Leftfield maakte anno 1995 furore met hun keiharde en vreselijk luide optredens. Ze deden in sommige gelegenheden (zoals in de Brixton Academy) het plaaster van het plafond vallen. Ze voegden tevens Afrikaanse klanken toe aan hun sound. Maar deze klankkleuren klinken nu een beetje gedateerd. En de stemmetjes (Barnes had twee MC’s mee) verraden ook iets van die typische dance uit de jaren negentig van vorige eeuw. Maar storend of tenenkrullend? Nope! Het optreden van Leftfield was strak. De beats rolden over de Grote Kaai en hypnotiseerden probleemloos het in groten getale afgezakte publiek. Barnes speelde uit het destijds baanbrekende ‘Leftism’ uitsluitend ‘Inspection Check One’. ‘Rhythm And Stealth’ klonk in 1999 al steviger en zwaarder dan de bejubelde eersteling en de nummers uit die plaat sloten bijgevolg perfect aan bij het nieuwe gerief. ‘Phat Planet’, ‘Africa Shox’ en ‘Swords’ kregen de nodige visuals mee en de vettige bassen drongen mijn nekwervels binnen. Maar het gebruik van die vocoder? Really?

Leftfield was best cool. Maar de jongens van het Kortrijkse Goose lieten pas echt de rillingen over de ruggengraat lopen. Hun electro rock (kwestie om het een naam te geven) heeft het effect van een pletwals. De groep boorde zich koppig een weg tussen bekend en nieuw materiaal, hield de gaspedaal voortdurend in de hoogste versnelling en verraste hier en daar met updates van oude hits. Gierende gitaren, bezwerende synths en verpletterende beats. Wat moet een mens nog meer hebben op zo een avond?

Verleidelijk

Op de slotdag was er slechts een ster: Robert Plant. De Songhoy Blues en Stephen ‘Ragga’ Marley gingen de ex zanger van Led Zeppelin vooraf. Arsenal sloot af. Leuk, maar na Robert Plant had ik in deze (live steeds opwindende) band geen zin meer. Die Afrikaanse jongens (uit Mali) van Songhoy Blues koppelden blues (tja…) aan -heel veel- geinige West Afrikaanse ritmes, hier en daar doorspekt met een korreltje reggae. Ze deden me bij vlagen denken aan de aanstekelijke grooves van Tinariwen (ook van Mali, maar Tuaregs) en hun leadzanger verkende alle hoeken van het podium. Ja, best oké die band. Een naam om te onthouden.

Staat er op reggae een datum? Als deze met de roots verbonden blijft niet, bewees Stephen Marley (een van Bob Marleys elf zonen). Hij is een bekende producer en heeft reeds verschillende Grammys op zijn schouw staan. Hij voerde verschillende nummers (waaronder: ‘Buffalo Soldier’, ‘Could You Be Loved’ en ‘Iron Lion Zion’) van zijn vader op en deze brachten (voorspelbaar) de Grote Kaai in vervoering. Maar Stephen Marleys eigen songs zijn ook verleidelijk. Check it out….

Memorabel

Ouder wordende rocksterren op tournee: je kunt er de laatste tijd niet omheen. Mick Jagger die nog steeds als een Duracell konijn over het podium scheert….faut le faire. Maar velen zijn een karikatuur van zichzelf geworden. Het geld van hun wereldtour gaat al lang niet meer naar drugs, drank en vrouwen. De osteopaten en fysiotherapeuten hebben de plaats ingenomen van de dealers. Kruidenthee’s deze van bourbon, wodka en bier. Vele van deze sterren teren op hun legende en trekken dezer dagen de wereld rond met een verzameling van hun grootste hits. De uitzonderingen bevestigen -zoals steeds- de regel. Neil Young, die vorig jaar nog zijn set in Lokeren opende met een half uur durende versie van ‘Down By the River’, blijft (gelukkig!!) hardnekkig zijn ding doen. Ook Robert Plant kon nu makkelijk aan de zijde van Jimmy Page een reünietournee doen met Led Zeppelin. Op het gemak. Genietend van luxe hotels, privé jets en ontspannende golfterreinen. Maar neen. Robert Plant is het soort artiest dat zichzelf nog steeds wil heruitvinden.

Led Zeppelin was trouwens ook niet zo maar een ‘hard rock’ band. Reggae en Oosterse invloeden kleurden reeds in de zeventiger jaren van vorige eeuw hun sound. Met zijn ex bandmaat Jimmy Page verkende Plant op ‘No Quarters’ in 1994 de muziek uit Noord Afrika en deze van Marokko in het bijzonder. Bluegrass, R&B, country en folk tekenden zijn periode met Allison Krauss en de band Band of Joy. Met de Sensational Space Shifters slaat de ondertussen zevenenzestig jarige Plant terug meer de weg in van de rock. En live klinken ze….fantastisch.

En wie hoopt op een reünie van Led Zep geef ik mee: ga naar een optreden van Robert Plant! ‘The Lemon Song’, ‘Black Dog’, Dazed and Confused’, ‘Trampled Under Foot’, ‘Ramble On’, ‘Whole Lotta Love’ en ‘Rock & Roll’: allemaal in hun bijna originele versie en/of geüpdatet. Plant bracht een ode aan Howlin’ Wolf, sprak voortdurend over de ‘misty mountains’ en koppelde met de uitmuntende Sensational Space Shifters (met ex leden van Public Image Ltd en Portishead) oud aan nieuw. En hoe! The Jesus and Mary Chain gaven destijds concerten die eindigden op een moment dat je dacht dat ze pas begonnen waren. Echter na twintig minuten. Plant speelde anderhalf uur en ik had het gevoel dat hij pas was begonnen. Songs uit hun laatste, zoals: ‘Little Maggie’, ‘Turn It Up’ of ‘Rainbow’ kregen live een vollere, meer ‘rockende’ aanpak. Allemaal met een zware ‘bluesy’ ondertoon. Oude Led Zep songs werden naadloos in het nieuwe materiaal opgenomen. Zo werd het fragment met echo’s en feedback uit ‘Whole Lotta Love’ hier vervangen door Afrikaanse ritmes. Met vuur opgevoerd door de muzikant Juldeh Camara op zijn ritti. Plants gebruik van Afrikaanse kleurschakeringen klinken hier echt wel up to date en geven een extra boost aan bekende Led Zeppelin songs, zoals het vertimmerde ‘Dazed and Confused’ bijvoorbeeld. Plant staat nog steeds met de manen te zwaaien en oefent nog steeds evenwichtsoefeningen uit met zijn microstand. Niet voor de show weliswaar. Het is een soort tweede natuur waarschijnlijk. Plant bleef sober en liet alle plaats aan de muziek en zijn voortreffelijke muzikanten. Zijn stem klinkt nog steeds bevlogen en dwingend. Hij scheen zich bovendien bijzonder goed te amuseren. Een spelplezier dat ook van zijn band afstraalde en bijgevolg moeiteloos handen en armen de lucht in kreeg. Van een memorabel optreden gesproken….dat was er een. Plant sloot af met ‘Satan Your Kingdom Must Come Down’ (die titel alleen al!) van zijn plaat met de Band of Joy en wenste iedereen een fijne nachtrust met ‘Rock & Roll’ uit Led Zeppelins vierde. Een collega van De Morgen wees me op de pluim op de basdrum van de drummer: Robert Plants symbool uit zijn tijd met Led Zep. Deze iconische band en zijn leadzanger blijven onlosmakelijk met elkaar verbonden. Plant ging slapen en legde zijn hoofd ongetwijfeld op de een of andere ‘misty mountain’. Verstandig man. Ik volgde zijn voorbeeld……


Reacties