Blog

Metalhead voor altijd


Naar aanleiding van het verschijnen van Robert Haagsma’s ‘Dutch Steel’ over de vroege Nederlandse metal bekent Theo Ploeg: ook hij is een metalhead.

Theo Ploegs verzameling picture discs

Theo Ploegs verzameling picture discs

‘Metalhead forever’ stond er op mijn spijkerjack. Tussen meer leuzen. Boven de patch van Metallica in zwarte merkstift: ‘bang that head that doesn’t bang’. Onder die van Iron Maiden, naast Motörhead en Saxon: ‘disco sucks, metal rocks!’. Enfin, zo stonden er meer.

Het mouwloze spijkerjack droeg ik niet zo vaak. Mijn ouders vonden het maar niets. We woonden in een nette buurt en daar paste een dergelijk gebrek aan stijl niet bij. Ik zou kunnen schrijven dat dát nu juist de reden van mijn metalhead-bestaan was, maar dan zou ik liegen. Ik hield van de muziek. Echt waar.

 

Aardschok

Nadat ik in de tweede helft van de jaren 1980 Amerikaanse hardcore en indierock ontdekte, verdween heavy metal naar de achtergrond. Mijn spijkerjack heb ik nooit meer gezien. Geen idee wat ermee is gebeurd. Het ging in rook op. Net als mijn zorgvuldig gespaarde eerste vijf jaargangen van Aardschok. Sinds ik m’n eerste exemplaar kocht bij Siva in Sittard, spelde ik het metal-tijdschrift maandelijks. Mijn droom? Er ooit voor schrijven.

Dat kwam er niet van. Met nieuwe muziek kwamen nieuwe media. OOR en Vinyl, bijvoorbeeld. In mijn journalistieke carrière schreef ik niet over heavy metal. Voor Basic Groove bejubelde ik de disco die ik tien jaar eerder zo intens haatte. De rollen waren omgedraaid. Metal was fout en ik schaamde me voor mijn jeugdige zonden. Al verdedigde ik de muziekstroming tijdens mijn studie sociologie met hand en tand. Daar stond heavy metal voor entertainment voor de witte onderklasse.

 

Vamp-hoeren

In ‘One Two Three Four…’ (1997) schrijft professor Tom ter Bogt: “In songs en videoclips kwamen vrouwen vrijwel altijd naar voren als vamp-hoeren, tegelijkertijd gevreesd, aanbeden en geminacht. Een dergelijk stereotype zou alleen genade kunnen vinden in de ogen van de gefrustreerde pubers waaruit het heavy metal-publiek bestond.” Klopte en klopt, uiteraard, niets van.

Enfin, net als mijn Limburgse wortels verdedigde ik mijn heavy metal-verleden met hand en tand. Toch wilde ik er niets meer mee van doen hebben. Tot een jaar of tien geleden. Na een zoveelste verhuizing draaide ik, zomaar zonder aanleiding, ‘Wildcats’ van Tygers of Pan Tang. Klonk naar meer. Dus volgde er nog een NWoBHM-album. (New Wave of British Heavy Metal, nvdr) En nog een. En nog een. Mijn jeugdliefde nam me onvoorwaardelijk terug. Alsof er niets tussen ons was gebeurd.

 

DIY

Collega popjournalist Robert Haagsma – iets ouder dan ik – bleef metal wél trouw. In december vorig jaar bracht bij ‘Dutch Steel’ uit, een verzameling vroege heavy metal uit Nederland. Metal die de rauwheid en DIY-ethiek en -esthetiek van punk mengde met het arbeidersethos van hardrock. Metal, ontstaan als New Wave of British Heavy Metal in Engeland, die later transformeerde in trashmetal en speedmetal van Metallica, Slayer, Megadeth en Anthrax.

De collectie van Haagsma is te gek, al wisselt de kwaliteit nogal eens. Bands als Picture, Martyr, Gilgamesj, Angus en Highway Chile halen echter zonder moeite het niveau van Britse collega’s uit die tijd. Onlangs ontving in de drie vinyl-box. Ziet er prachtig uit, klinkt prachtig. Het meeste materiaal is begin jaren 1980 verschenen op vinyl en cassettebandje. Vrijwel niet op internet te vinden dus. En mijn eigen collectie Nederlandse metal liet, buiten vier albums van Picture, te wensen over. Vlaamse metal was, met albums van Acid, Stampede en Crossfire, al beter vertegenwoordigd.

 

Deuk

Sinds ‘Dutch Steel’ binnen is ligt er tot vreugde van mijn kat Adorno steeds vaker heavy metal op de draaitafel. Denk ik zelfs na over een blogreeks waarin ik de beste vergeten vroege metal-albums onder de aandacht wil brengen. Tevens polste ik een vriend met het idee om eens per maand onze favoriete metal-plaatjes te draaien in een plaatselijke kroeg. Hij weigerde beleefd, want bang dat zijn imago als connaisseur van vernieuwende elektronische muziek een deuk op zou lopen.

Daar maak ik me niet druk om. Sterker nog: de meeste experimentele elektronische muziek-liefhebbers én producers en daarmee de Gonzo (circus)-lezer waren vroeger vast metalheads. Droegen zo’n zelfde spijkerjasje als ik. Niets om je voor te schamen. Metalhead ben je voor altijd.

ps: ik zoek de eerste vijf jaargangen van Aardschok en vroege metal-albums (zeker NWoBHM). Tips en aanbiedingen zijn welkom.

‘Dutch Steel’ is samengesteld door Robert Haagsma en verschenen bij Tonefloat Records. Meer informatie vind je hier.


Reacties