Geluid

Secret Boyfriend

Memory Care Unit


Artiest:Secret Boyfriend
Titel:Memory Care Unit
Label:Blackest Ever Black
Distributeur:Konkurrent

Artiest:Mats Gustaffsson

blackesteverblack.com/releases/memory-care-unit

‘Memory Care Unit’ is het tweede album van Secret Boyfriend dat niet slechts in beperkte oplage op cassette verschijnt. Voorganger ‘This Is Always Where You’ve Lived’ combineerde noise en (pogingen tot) liedjes op een manier die we tot dan toe vooral kenden van de eerste Sebadoh-platen, al staan bij Ryan Martin keyboards centraal in plaats van een gitaar. Deze nieuwe plaat bevat zes live opgenomen improvisaties die een hele andere richting opgaan. Opener ‘The Singing Bile’ doet nog het meeste denken aan de melancholische drones van GAS, alias Wolfgang Voigt. De overige nummers roepen sterke associaties met de new wave van de jaren 1980: Durutti Column in ‘Little Jammy Centre’, de vroege Dead Can Dance in ‘They’re Playing Themselves’, The Cure ten tijde van ‘Faith’ in ‘Stripping At The Nail’ en Joy Division in ‘Memorize Them Well’. Martin boet wellicht aan eigenheid in, maar weet zijn werk hierdoor wel naar een hoger vlak te tillen, net zoals vergelijkbare artiesten als Ensemble Economique, Grouper (Liz Harris) en labelgenoten Tropic Of Cancer er recentelijk in slaagden hun introverte werk wat meer te openen voor een minder exclusief publiek. Voor dat laatste hoef je niet bij Mats Gustafsson te zijn. Op ‘Piano Mating’ draait alles om vervreemding. Dat begint er al mee dat op dit album geen saxofoon, maar ook geen piano te horen valt. Gustafsson werd door X-Ray Records (een sublabel van cassettelabel Blue Tapes) gevraagd om een album te maken rond een instrument dat hij nog niet eerder in een opname gebruikt had. Zijn keus viel op de Dubreq Pianomate, een soort synthesizer die je via het toetsenbord van een piano kunt bedienen. Met deze Pianomate creëert Gustafsson intense, hermetische drones op basis van clusters. In deel één spelen de hogere octaven de hoofdrol, in deel twee de lagere. Dat maakt deel twee een stuk toegankelijker – of beter gezegd: minder zenuwslopend – dan de verspringende en verglijdende dissonanten van het eerste deel. Deze stukken doen denken aan de orgelimprovisaties van Terry Riley of aan de soundtrack van de film ‘Eraserhead’ en in de verte ook wel aan het werk van GAS of William Basinski. Weerbarstige, desoriënterende muziek, die overgave vergt en dan pas zijn schoonheid prijsgeeft en daarmee prima tussen de rest van Gustafssons oeuvre past.

Comments

Reacties




%d bloggers liken dit: