GC #137 Geluid Recensies

Als Boss Hog na vijftien jaar plots een nieuwe plaat uitbrengt, kunnen we die niet snel genoeg in huis halen. Dan kunnen we ook niet wachten of er ooit wel een promo onze kant op zou komen. Boss Hog is namelijk de band van Cristina Martinez, schoonheid, lieve dame, fotografe, performanceartiest en mevrouw Jon Spencer. Ooit zat ze bij het magistrale Pussy Galore en dook ze op bij Gibson Bros, en Honeymoon Killers. En uiteraard stichtte ze haar eigen band, Boss Hog, waarin oorspronkelijk ook Charlie Ondras zat. Die speelde ook bij Unsane, tot hij in 1992 de pijp aan Maarten gaf. Jerry Teel (Chrome Cranks, Honeymoon Killers) en Kurt Wolf (Loudspeaker) zijn er inmiddels niet meer bij. Na enkele schitterende platen en een handvol singles, wijdde Christina zich volledig aan de opvoeding van de kinderen. Nu die bijna volwassen zijn, heeft ze haar band gewoon weer opgericht. En ging ze ook meteen weer op tournee, met Hollis Queens, Jens Jurgensen (Loudspeaker), nieuwkomer Mark Boyce (The Delta 72) en uiteraard manlief Jon Spencer. Bij een nieuwe tournee hoort bij voorkeur ook een nieuwe plaat. Aan echte langspelers van langere duur heeft Martinez nooit gedaan. Ook nu niet. Vier nummers zijn volgens hare schoonheid meer dan voldoende om interesse op te wekken. Twee daarvan zijn, maar dat is steevast zo geweest bij Boss Hog, eerder spielereien. ‘Wichita Grey’ en ‘Disgrace’ zijn de echte prijsbeesten van de plaat, die gewoon de lijn verder zetten waar ‘Whiteout’ uit 1999 ophield. Het is meteen ook één van de weinige platen waar Martinez zichzelf niet prominent in de kijker zet op de hoes trouwens. Twee nieuwe songs en twee probeersels is misschien wat weinig, maar als het Boss Hog is, dan kunnen we veel hebben. Nu maar duimen dat Martinez woord houdt en het aangekondigde ‘Brood X’ snel verschijnt.