Beeld

Levensecht of fictie?


Amy’ sleepte deze week de MTV Movie Award voor Beste documentaire binnen. ‘Straight Outta Compton’ won de prijs voor Beste ‘True Story’.

Twee bio’s. Twee genres: het afgelikte idealiseren van Hollywood tegenover de ontnuchterende beelden van de Britse indie. Twee gestileerde muziekfilms ook: een meeslepende documentaire (‘Amy’) en een ‘op ware feiten gebaseerde’ fictiefilm over de gangsta rap band N.W.A. (Niggaz Wit Attitudes). Beide films hebben tevens een overlijden als thema: Eazy-E in de film van F. Gary Gray (u bekend van: ‘The Negotiator’ en ‘The Italian Job’) en het vroeg heengaan van Amy Whitehouse in de doc van Asif Kapadia.

Rap till you drop

Vooreerst ‘Straight Outta Compton’: de film over de ‘rise and fall’ van N.W.A. en tevens de titel van hun LP die anno 1988 opschudding veroorzaakte in de hiphop wereld. De populariteit van N.W.A. verplaatste toen de belangstelling van de hiphop scene, die zijn roots had in New York en meer bepaald in de Bronx. De East Coast hiphop plaatste het genre internationaal in de picture met namen zoals: Grandmaster Flash, Run-D.M.C., LL Cool J, Public Enemy, KRS-One/Boogie Down Productions, Big Daddy Kane, A Tribe Called Quest, Gang Star en Eric B & Rakim. De West Coast zette zich eind de jaren 1980 op de kaart, te beginnen met: Ice-T en N.W.A..

‘Straight Outta Compton’ opent veelbelovend. De drie protagonisten (Dr.Dre, Eazy-E en Ice Cube) worden voorgesteld in hun dagelijkse doen. De gelijkenis van de acteurs met hun voorbeelden is bangelijk. De situatieschets kort maar efficiënt. Dit belooft een fijne fictionalisering te worden van waar gebeurde feiten. Maar ‘Straight Outta Compton’ werd geproduceerd door onder meer: Dr.Dre en Ice Cube. Bovendien mag in een Hollywoodproductie best een loopje worden genomen met de realiteit. Zeker om duistere zaakjes of ophefmakende en gênante feiten uit het verleden met de mantel der liefde te bedekken. Het verteltempo blijft niettemin ad rem, de look is al even glad en hip als een reclameclip voor surfers of frisdranken en bepaalde plotwendingen lokken genoeg drama uit om de aandacht van de op ‘verhaaltjes’ verslingerde kijker gaande te houden. Glad en onderhoudend dus.

De ironie van de zoethouders cultuur

Dit verhaal over de ooit zo controversiële hiphop band is ergens wel ironisch. Uiteraard was een film over deze rappers eind de jaren tachtig ondenkbaar. Ondertussen zijn we zevenentwintig jaar later en behoort N.W.A. tot het culturele erfgoed van de VS. Tot de ‘populaire’ cultuur zeg maar. Wat in de tachtigerjaren nog deel uitmaakte van een tegencultuur, werd snel sub- en popcultuur. Niet dat dit wereldschokkend is. Jeugd- en tegenculturen hebben steeds deze evolutie doorlopen. Alleen springt de ‘commercie’, als een bepaalde jongeren- of tegencultuur een potentieel doelpubliek – lees: kooplustigen – aanspreekt, er nu sneller op. Denk aan: de rock ‘n’ roll, de flower power of de punkbeweging. Bij laatste lagen de stukgescheurde jeans en jassen met veiligheidsspelden en allerlei ritsen en kettingen al in de winkels nog voor er hier een punkbewustzijn was doorgedrongen.

In ‘Straight Outta Compton’ wordt trouwens duidelijk gemaakt dat de bandleden bewust controverse en opstootjes met de politie (en de FBI) hebben uitgelokt. Gratis reclame, weet je wel! En het heeft de bandleden geen windeieren gelegd. Het grappige -of het tragische als je wilt- is hoe de film illustreert hoe een tegencultuur evolueert naar subcultuur en uiteindelijk naar een aanvaardbare popcultuur. Het ‘Parental Advisory (Explicit Content)’ label (mede mogelijk gemaakt door onder meer mevrouw Gore, de echtgenote van ex-presidentskandidaat en Nobelprijswinnaar Al Gore) is eerder een verkoopargument dan een waarschuwing. Als de leden van N.W.A. in Detroit werden opgepakt voor hun performance van ‘Fuck tha police’ wisten ze ferm goed dat dit een reclamestunt was die de verkoop enkel maar ten goede kon komen. Kunst= bizz! ‘Straight Outta Compton’ is een flatteuze en enorm onderhoudende introductie tot een legendarische rapband, wiens vooraanstaande leden evolueerden tot filmsterren en multi biljonairs. Toffe film, dat wel. Een onvervalste guilty pleasure ook. Maar finaal een beetje hypocriet.

Levensecht

Aan de prijzenregen voor de ravissante documentaire ‘Amy’ lijkt geen einde te komen. Terecht! De regisseur Asif Kapadia bezigt voor zijn verhaal dezelfde techniek die hij aanwendde voor het al even fel geprezen ‘Senna’ – een documentaire over de Formule 1 kampioen Ayrton Senna. Kapadia mijdt een (doorgaans saaie) opeenvolging van talking heads. Hij bezondigt zich niet aan vooringenomenheid, maar zijn standpunt is duidelijk. Kapadia laat de beelden voor zich spreken. Hij vertelt betrekkelijk chronologisch het tragische levensverhaal van Amy Winehouse aan de hand van homemovies, films gemaakt met de gsm, archiefmateriaal dat varieert van journaalbeelden en tv programma’s tot een immense verzameling foto’s (gaande van snapshots en weinig flaterende paparazzifoto’s tot glamoureuze studioportretten). In voice-over getuigen vrienden, collega’s, familieleden, minnaars en platenproducers over lief en leed.

In de openingsscène (een homemovie van een verjaardagsfeestje) zingt de toen veertienjarige Amy ‘Happy Birthday’ voor haar vriendin met een stem en een timbre dat Ella Fitzgerald oproept. Volgt een geluidsopname van de zestienjarige Amy met de National Youth Jazz Orchestra. Haar commentaar in voice-over luidt: dat ze gek is op jazz; heeft leren zingen door naar Thelonious Monk te luisteren; Sarah Vaughan, Dinah Washington en Tony Bennett haar grote helden zijn, maar dat ze geen ambitie koesterde om een zangeres te worden. De toekomst wees anders uit.

De toeschouwer weet dat deze talentrijke vrouw zich heeft dood gedronken. Waardoor ze tot de zogenaamde ’27 club’ toetreedt: een benaming voor een groep muzikanten die overleed op zevenentwintigjarige leeftijd, zoals: Janis Joplin, Jimi Hendrix, Brian Jones, Jim Morrison en Kurt Cobain. Kapadia zoekt uit hoe het zover is kunnen komen.

Amy Winehouse kon niet goed om met het hele sterrencultus gedoe. En al helemaal niet met de sensatiezucht van media die zich wentelen in het zelfdestructief gedrag van beroemdheden en persoonlijke beslommeringen boven talent plaatsen. Kapadia laat het dan ook niet na om de opdringerigheid van de paparazzi aan de kaak te stellen. Maar het foute vriendje en echtgenoot Blake Fielder wordt ook (zij het natuurlijk niet expliciet) met de vinger gewezen. Sommige fragmenten spreken voor zich. Sympathiek kun je deze kerel bezwaarlijk noemen. Ook Amy’s overijverige vader Mitch (die zich uiteindelijk van deze biografische documentaire distantieerde) krijgt een niet mis te verstane veeg uit de pan. Hij voerde de pressie op zijn beroemde dochter (via een cameraploeg, het organiseren van optredens of fotoshoots met fans) alleen maar op. Mitch verliet Amy’s moeder toen zijn dochter negen jaar was. Een voorval dat Amy traumatiseerde. Hij kwam pas terug in haar leven toen ze (veel) geld begon te verdienen. Onschuldig is de man dus niet. Hij leerde haar uiteraard wel de muziek kennen die bepalend zou worden. Ook hier laat Kapadia het verzamelde archiefmateriaal voor zich spreken.

Kapadia glamouriseert niet en vermijdt elke vorm van sensatiezucht. Hij gaat op zoek naar de mens achter de mythe. De vrouw die gelukkig was, die haar leven vond in de muziek en in feite pas aan het begin van een carrière en een leven stond. Wat ‘Amy’ nu net zo pijnlijk en pakkend maakt.

Comments

comments


Reacties


Geef een reactie