Expo

Door de konijnenpijp met PASS


Wanneer je de N60, de gewestweg tussen Gent en Valenciennes, verlaat, brengt een bruuske bocht je in een andere wereld. Ingesloten door verkeersaders liggen daar de dorpjes Huise, Wannegem, Lede en Mullem. Een stukje Wonderland, of tenminste van het sympathiekste dat het Vlaamse cultuurlandschap te bieden heeft. In deze omgeving brengt PASS twee maanden lang beeldende kunst.

Aanstoker Kris Martin en curator Jan Hoet Junior zetten een traject van tien kilometer uit waar kunst in, over en naast het landschap gaat. Wie zich aanmeldt in het oude politiekantoor van Huise, voelt meteen de verstrooide sfeer die PASS uitademt en het gedesoriënteerde tijdskader. Het kantoor doet denken aan de Funès scènes, in Mullem is de 19e eeuw blijven stilstaan, Huise heeft een Gallo-Romeins verleden, de kerkjes lijken er al decennia onaangeroerd bij te liggen, het fluo oranje van PASS houdt je onverzettelijk in 2015.

© Christophe Vander Eecken

© Christophe Vander Eecken

Vanuit Huise voert de route eerst naar brede wegen. Ook in de bermen zijn kunstwerken gezaaid, zo bewerkte Katrien Paulussen een holle linde met bladgoud en bungelt de kapel van Michaël Borremans tussen suggestief en choquant. In Wannegem serveert Bar Surplass lekkere, hippe drankjes op het grind van Heuvelheem, ook al zo’n merkwaardig oord dat schilderachtig is in de lentezon, maar bij wind en koude rauw moet zijn. Even verderop is vooral de buitenkant van de kerk de moeite waard. Tine Guns werkte een metersgrote foto in de gevel van het gebouw in. Zowel de textuur van het beeld (zand en steenslag die op marmer gaan lijken en overgaan in de stenen errond) als de inhoud ervan (petanqueballen, groot als kanonskogels, boven het oorlogsmonument), passen perfect. Aan de oude muur naar het kerkhof hangt ‘Ad Valvas’ van Kris Martin, een ontroerend mooi verweerd prikbord in brons.

De wegen worden nu smaller, kathedrale eiken en fraaie huizen moeten niet onderdoen voor het kunstschoon. Dat toont ook de accolade die Tim Volckaert in het veld plaatste en die de vormen boven de horizon zeeft.

Het is opmerkelijk hoe de kerkfabrieken de brutale invasie van hun kerken door kunstwerken hebben toegestaan. Een gegeven dat pakweg tien jaar geleden wellicht onmogelijk zou zijn geweest. Het is een confronterende teloorgang, stilte en sacraliteit worden voortdurend geschonden. Anderzijds is het bijzonder mooi hoe de kerk een nieuwe, unieke rol opneemt. De vier kerken overvol, overladen met ornamenten en gebruiksvoorwerpen, de kunstwerken verzinken erin en zijn vaak op het eerste zicht niet te onderscheiden. Toch is de combinatie soms fantastisch: ‘Matrioska’ van Wilfredo Prieto is om bij te huilen, de schildpadden van Adriaan Verwée doen glimlachen en de bijbels van Pascale Marthine Tayou zijn prachtig gestileerd. Zelf de sacristie is geen verboden terrein meer, gelukkig, want de tekeningen van David Claerbout komen er tot hun recht.

© Christophe Vander Eecken

© Christophe Vander Eecken

Aan het einde van de ommegang zie je de installatie van Matthieu Ronsse in de verte. Maar voor wie twijfelt: ‘Watchtower, Troyan horse, H. Du Roy’ is de omweg meer dan waard. Een hele mooie collage is het, in een bouwwerk dat traag en integer in de velden staat, en waar je uren zou kunnen blijven staan.

PASS brengt kwantitatief heel veel. De drempel is laag en sommige werken appelleren daaraan. Toch zijn de uitschieters meer dan de moeite waard om tot en met 5 juli af te zakken naar het Oost-Vlaamse hinterland. De route vult menige nood in, van kunst tot buitenlucht, van erfgoed tot dorstigheid en appetijt. Een kleine onvolkomenheid slechts: de cartograaf en de bordjesmannen van dienst konden beter werk leveren, ook de tentoonstellingsteksten die je in elke locatie overhandigd krijgt, kunnen veel beter. Om sloganesk te eindigen: niet te missen.

Comments

comments


Reacties


Geef een reactie