Blog

Actuele artikelen, interviews, opinies, festival- en concertverslagen & MEER.

Er is iets aan de hand in Italië en het Milanese Haunter Records probeert het in geluid te vangen. Techno-producers grijpen terug naar de grauwe punk-achtergrond van gesloopte kraakpanden en vullen hun dagen met experiment, noise en rave-geluiden. Deze lefgozers verblijven ergens op het vasteland en vallen vanuit de onderbuik Europa aan. Davide Carbone verschanst zich achter een nieuwe identiteit en leidt de toekomstige troepen. Het is een bipolaire veldslag die zowel de techno-vreters als de cassette-bezweerders verschansen wilt. Het complete verhaal is enkel op een magnetisch bandje te beluisteren. ‘Das Unheimliche’ als een complot van futuristische breakbeats (‘Gemello Di Te Stesso‘), ongemak en klankrijke chaos versus granulaire resonerende klanktapijten, brutale hallucinogene geluidentrips waarin woede en drama vervat zit. Het doel, onrust verwekken. Het bereikte doel, nervositeit en alerte inwendige para-troepen. ‘Estraneo E Familiare’ is een door een verpletterend bombardement omringde diepe bas. Abstractie en noise op ‘Rumori Inconsci’, van een dergelijk unheimlich kaliber dat die het indringendste en luidste van Ben Frost aaibaar laat klinken zonder door het rood te gaan. De rode zone is voor het openend techno-quintet dat ook als vinyl aan te schaffen valt. ‘Il Doppio’ als ruwe rasp, het pad oneffenend voor de aanval die komen gaat. Dwarse ritmes, neurotische acid noise, de post-apocalyptische brutaliteit in klank vervat. Codetaal voor de brutale ‘ik’. ‘Das Unheimliche’ voor wanneer je hoofd even de wereld bijster is.

Ze produceert pas een jaar of vijf, maar daarvoor deed Steffie Doms bijna twee decennia deejay-ervaring op in Amsterdam en Berlijn. Die eerste stad verliet ze voor de laatste. Inmiddels is Steffie resident bij Panorama Bar, het rauwe deel van Berghain, de bekendste club van de wereld. In haar huidige woonplaats Berlijn nam ze haar debuutalbum ‘Yours & Mine’ (2011) op, een mooi eerbetoon aan klassieke Detroit-techno en Chicago-house. Nu is er ‘Power Of Anonymity’, die net als haar debuut verschijnt op Ostgut Ton, het platenlabel van Berghain. Steffi gaat er door op de door haar eerder ingeslagen weg. Vorig jaar werkte ze samen met de Berlijnse producer Redshape en oud maatje Dexter, met wie ze in Amsterdam platenlabel Klakson bestierde. Op haar eigen nieuwe album nestelt de geboren Brabantse zich weer behaaglijk in haar comfort-zone. Het oude vertrouwde dancegeluid uit Detroit en Chicago is nog steeds haar voornaamste inspiratiebron, al ligt het tempo op ‘Power Of Anonymity’ wel wat hoger. Meer geschikt voor de dansvloer, zeg maar. Dexter en zangeres Virginia maken van ‘Treasure Seeking’ een opwindende dansvloervuller. Een van de hoogtepunten van het album. Steffi weet met behulp van melancholische strings, ratelende drumritmes en pulserende bassen een prima basis te leggen voor haar dansbare techno die soms in de verte opzichtig lonkt naar meer experimentelere voorbeelden als Drexciya en Basic Channel. Met een niet-ironische knipoog naar het klassieke geluid. Niets nieuws onder de zon, wel fijn en bovenal goed gemaakt.

Van sommige muziek vraag je je af waarom ze bestaat. Doorgaans gaat het om muziek die zichzelf heel serieus neemt, zonder enige aanwijsbare reden. Dat is het geval voor de eerste langspeler van Oh!Pears, ‘Wild Part Of The World’. De Amerikaanse eenling deelt op de eigen Facebookpagina zijn boeiende, grensverleggende interesses: “Grote melodieën, hopen strijkers en percussie”. Veel meer dan dat is Oh!Pears inderdaad niet. Groteske zanglijnen doorspekt met een ongepaste pathos, teksten die drama verkondigen in de vorm van simpele rijmschema’s, strijkers en percussie die moeiteloos de climax forceren. Niet voor niets is ‘Under The Olive Trees’ de single: dezelfde trucjes als op de rest van de plaat, maar hier past alles net in mekaar. Zowaar een zweem van degelijkheid. Na het beluisteren van ‘Wild Part Of The World’ dringt zich een belangrijke vraag op: bestaat het album echt uit elf liedje of gaat het in feite om één langgerekt nummer? Dan kan het Australische duo Au.Ra wat meer overtuigen met hun debuut ‘Jane’s Lament’: ze hebben tenminste een eigen klank. De melodieën zijn eenvoudig maar leuk, ze doen soms aan die andere Australiër, Tame Impala, denken. Ook de psychedelische invloed is bij Au.Ra te horen, zij het dan in een lichtere vorm dan bij Kevin Parker. Muzikaal is ‘Jane’s Lament’ sober, maar degelijk, Au.Ra speelt met energie en laat die ook evolueren binnen de plaat. Toch hebben de mannen nog werk aan de winkel: het verhaal dat ze willen vertellen is nog niet uitgekristalliseerd, daarom is het vaak langdradig en saai. Dat de teksten zo goed als onverstaanbaar zijn, staaft die vaststelling, net als de gemakkelijke shakers die te pas en te onpas worden gebruikt. Alles lijkt een beetje op elkaar, behalve dan ‘Juki’ en ‘Width’, twee nummers die op een vreemde manier contrasteren met de rest. Het is uitkijken naar de derde, vierde of vijfde plaat van Au.Ra.

Leestekens in het midden van bandnamen blijken populair, dat is nog eens een interessante taalkundige vaststelling, bij gebrek aan interessante muzikale vaststellingen.